Voor bijna 4,5 miljoen werknemers is de loondoorbetaling hoger dan 170% (al dan niet onder voorwaarden). Voor ruim 2 miljoen werknemers wordt het loon tijdens het eerste ziektejaar niet volledig doorbetaald.
In de meeste cao’s bedraagt de loondoorbetaling in de eerste twee ziektejaren in totaal hoger dan 170%. Hieraan is dan wel meestal de voorwaarde verbonden dat sprake moet zijn van gedeeltelijke werkhervatting of actief meewerken aan re-integratie. Voor iets meer dan de helft van de werknemers bedraagt de loondoorbetaling in het eerste jaar 100%.
Als sprake is van ziekteverzuim als gevolg van een beroepsziekte of een arbeidsongeval, geldt voor ruim een derde van de werknemers de afspraak dat het loon volledig wordt doorbetaald in de eerste twee ziektejaren.
Voor ruim twee derde van de werknemers onder de onderzoekcao’s zijn afspraken opgenomen over bovenwettelijke aanvullingen bij arbeidsongeschiktheid na de eerste twee ziektejaren. Het gaat hierbij vooral om afspraken over aanvullingen in geval van gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid.
70% loon tijdens ziekte tijdens eerste twee jaar
Een werknemer heeft de eerste twee ziektejaren recht op loondoorbetaling van 70% van zijn loon. In de cao kan zijn afgesproken dat de werknemer een aanvulling op de wettelijke loondoorbetaling krijgt, al dan niet met als voorwaarde het meewerken aan re-integratie.
In cao’s zijn vier categorieën loondoorbetaling tijdens de eerste twee ziektejaren te onderscheiden:
- Minder dan 170%, ongeacht re-integratie-inspanningen
Hiervan is sprake voor circa 40.000 werknemers. Het gaat om drie cao’s: E-commerce Nederland, Nederlands Horecagilde en Facilitaire Contactcenters. De loondoorbetaling in het eerste ziektejaar is daarbij minder dan 100%. - Gelijk aan 170%, ongeacht re-integratie-inspanningen
Dit geldt voor bijna één miljoen werknemers, met name werkzaam in de sectoren horeca, cultuur, sport, recreatie/overige dienstverlening en bouw. Ruim een half miljoen van de werknemers in deze categorie krijgt in het eerste ziektejaar minder dan 100% doorbetaald. - Gelijk aan 170%, maar hoger dan 170% bij werkhervatting of re-integratieinspanningen
Dit geldt voor ruim drie miljoen werknemers van de onderzoekcao’s. Voor ruim 2,5 miljoen werknemers in deze categorie bedraagt de loondoorbetaling tijdens het 1e ziektejaar 100%. Voor het overige deel is de loonaanvulling tijdens het 1e ziektejaar minder dan 100%. Als de werknemer voldoet aan de re-integratieverplichtingen variëren de aanvullingspercentages van 5% tot 30%. Onder deze categorie vallen bijna alle werknemers in de sectoren landbouw en zorg (circa negen op de tien). Ook valt hieronder ruim driekwart van de werknemers in de sectoren openbaar bestuur, zakelijke dienstverlening en onderwijs. - Hoger dan 170%, ongeacht re-integratie-inspanningen
Voor 1,2 miljoen werknemers is de loondoorbetaling bij ziekte tijdens de eerste twee ziektejaren zonder meer hoger dan 170%. Dit geldt voor ruim de helft van werknemers in de sectoren bouw, handel en financiële instellingen en relatief vaker voor werknemers onder een ondernemingscao dan voor werknemers onder een bedrijfstakcao.
Voor 1,1 miljoen werknemers in deze categorie is gedurende het 1e ziektejaar de loondoorbetaling minder dan 100%. Meestal wordt het loon de eerste zes maanden nog wel volledig doorbetaald, daarna daalt het percentage loondoorbetaling.
Voor de overige werknemers in deze categorie wordt het loon in het eerste ziektejaar voor 100% doorbetaald. Voorbeelden zijn de cao’s in het openbaar vervoer, RET NV, Schiphol Nederland en de Bijenkorf.


Vervroegde IVA-uitkering in 1e en 2e ziektejaar
Als in het eerste ziektejaar al blijkt dat een werknemer nooit kan werken (duurzaam >80% arbeidsongeschikt), kan deze een vervroegde IVA-uitkering aanvragen bij het UWV. De werkgever betaalt het loon door en kan de IVA-uitkering hiervan aftrekken.
Voor ruim een derde van de werknemers in de onderzoekcao’s zijn afspraken gemaakt over een vervroegde IVA-uitkering. Deze afspraken gelden relatief vaak voor werknemers in de sectoren financiële instellingen (78%) en vervoer en opslag (65%).
Beroepsziekten en arbeidsongevallen: loondoorbetaling en wachtdagen
De loondoorbetaling in de eerste twee ziektejaren kan afwijken bij een beroepsziekte of arbeidsongeval. Voor ruim een derde (39%) van de werknemers is bij cao afgesproken dat in zo’n situatie 100% loondoorbetaling plaatsvindt. Ook kunnen er in dat geval afwijkende afspraken gelden voor wachtdagen.
Een werkgever mag tijdens de eerste twee ziektedagen van de werknemer het loon of een verlofdag inhouden. Dit mag alleen als het in de arbeidsovereenkomst of cao is afgesproken.
In 36 van de onderzoekcao’s, van toepassing op 32% van de werknemers, zijn afspraken over wachtdagen opgenomen. Vaak gelden wachtdagen vanaf de 1e ziektemelding, maar ze kunnen ook pas vanaf een 2e of 3e
ziektemelding worden ingehouden. In een aantal cao’s wordt één wachtdag per ziektemelding ingehouden, maar bij frequenter ziekteverzuim, bijvoorbeeld na de 4e ziekmelding, twee dagen.
Kwetsbare werknemers: loondoorbetaling en wachtdagen
Cao’s kunnen speciale afspraken bevatten voor kwetsbare werknemers, bijvoorbeeld met een chronische of levensbedreigende aandoening. In 15 cao’s van toepassing op 20% van de werknemers staat een afspraak waarbij de loondoorbetaling wordt aangevuld en/of er geen wachtdagen gelden.
Bovenwettelijke aanvullingen na 2e ziektejaar
Na twee jaar ziekte wordt door het UWV de mate van arbeid(on)geschiktheid bepaald en kan een werknemer in aanmerking komen voor een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). Cao-partijen kunnen afspraken maken over aanvullingen op de eventuele uitkering, zowel qua hoogte als duur.
In 95 cao’s, van toepassing op 70% van de werknemers, staan afspraken over bovenwettelijke aanvullingen
bij arbeidsongeschiktheid na de eerste twee ziektejaren. Het gaat hier om 69% van de werknemers onder de onderzochte bedrijfstakcao’s en om 77% van de werknemers onder de onderzochte ondernemingscao’s.
Arbeidsongeschiktheid < 35% (geen WIA-uitkering)
Als een werknemer minder dan 35% arbeidsongeschikt is, komt de werknemer niet in aanmerking voor een uitkering op grond van de WIA.
Werknemers in deze categorie hebben geen recht op een wettelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering.50 Dit neemt niet weg dat partijen bij een cao voor deze categorie afspraken kunnen maken over een uitkering of een aanvulling op het loon.
In 74 cao’s van toepassing op 60% van de werknemers geldt een cao-afspraak over (aanvulling op) het loon bij arbeidsongeschiktheid van minder dan 35% of is een bodemverzekering mogelijk, ter dekking van een aanvulling op het loon bij arbeidsongeschiktheid van minder dan 35% arbeidsongeschiktheid.
De aanvullingen variëren van 50% van het verschil van het oorspronkelijke maandsalaris en de vastgestelde
verdiencapaciteit (Ikea) tot 100% van het salaris voor het aantal uren dat je werkt onder de voorwaarde dat je werkt in je eigen functie of dat je werkt op het niveau van de eigen functie (Verpleeg-, Verzorgingshuizen en Thuiszorg en Jeugdgezondheidszorg).
In 16 van de 74 cao’s is sprake van een staffel waardoor de aanvulling wordt afgebouwd naarmate de duur van de arbeidsongeschiktheid aanhoudt. Afspraken voor de ’35-minners’ komen vooral voor in de sectoren landbouw, bosbouw en visserij en sector industrie en nutsbedrijven.
Voor bijna alle werknemers die onder een cao vallen in deze sectoren geldt een aanvulling bij arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%.
Arbeidsongeschikt 35-80% en 80-100% niet duurzaam (WGA)
Als een werknemer 35% of meer arbeidsongeschikt is, maar minder dan 80%, is hij gedeeltelijk arbeidsgeschikt en heeft de werknemer recht op een uitkering op grond van de Werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA). Dit is ook het geval bij niet-duurzame arbeidsongeschiktheid van 80% of meer.
In 67 van de onderzoekcao’s is een afspraak over een aanvulling op het loon/de WGA-uitkering. Daarbij gaat het om een aanvulling op de hoogte en/of op de duur van de uitkering. De afspraken zijn van toepassing op 39% van de werknemers.
Cao-afspraken over aanvulling voor (niet duurzame) arbeidsongeschiktheid vanaf 35% komen het meest voor in de sectoren landbouw, bosbouw en visserij en bouw.
Arbeidsongeschikt 80-100% duurzaam (IVA-uitkering)
Werknemers die volledig (80% of meer) én duurzaam arbeidsongeschikt zijn, kunnen aanspraak maken op een uitkering op grond van de Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten (IVA). In 37 cao’s van toepassing op 15% van de werknemers geldt dat een afspraak over aanvulling op de IVA-uitkering wordt genoemd.
De IVA-uitkering plus de aanvulling komen uit op een totale uitkering variërend van 75 tot 90% van het gemaximeerde dagloon, het laatstverdiende salaris, het laatste jaarinkomen of het pensioengevend inkomen.


