De zieke werknemer, loondoorbetaling bij ziekte, loonstop en de re-integratieverplichtingen leiden geregeld tot rechtszaken waarbij dan weer de werknemer dan weer de werkgever gelijk krijgt, afhankelijk van de casus. Een aantal uitspraken uit de eerste zes maanden van 2026 op een rij.
1 Zieke werknemer beter melden omdat hij een dag geen contact opnam ernstig verwijtbaar
De kantonrechter vindt het ernstig verwijtbaar dat de uitzendwerkgever zelf is overgegaan tot het beter melden en arbeidsgeschikt verklaren van de uitzendkracht. Het is niet aan een werkgever om te beslissen of een werknemer arbeidsgeschikt is of niet.
Als een werknemer, in strijd met de opgelegde verplichting, tijdens zijn ziekte niet iedere dag contact opneemt, zoals in het geval van de uitzendkracht, zijn er andere sancties dan het zomaar beter melden van die werknemer.
2 Einde arbeidsovereenkomst zieke werknemer: geen re-integratieverplichtingen, geen loon
De werknemer vordert dat wordt vastgesteld dat zijn ex-werkgever de verplichtingen ten aanzien van re-integratie heeft geschonden. Ook vordert hij doorbetaling van loon tijdens ziekte. De kantonrechter wijst de vorderingen af. De vorderingen van de werknemer gaan namelijk over een periode dat de arbeidsovereenkomst al was geëindigd. Na afloop daarvan had de werkgever geen verplichtingen meer tot re-integratie en loonbetaling op basis van de arbeidsovereenkomst.
3 Loonvordering toewijsbaar – zieke werknemer heeft recht op minimumloon
De werknemer vordert loondoorbetaling tijdens arbeidsongeschiktheid, vermeerderd met wettelijke verhoging en rente. Omdat 70% van het overeengekomen loon minder is dan het wettelijk minimumloon, heeft werkneemster op grond van artikel 7:629 lid 1 BW recht op het wettelijk minimumloon.
4 Geen verboden onderscheid door zieke werknemer geen kerstpakket te geven
De werkgever verwacht van werknemers dat zij het kerstpakket zelf komen ophalen, als zij niet aanwezig zijn op de dag dat het wordt uitgereikt. Dit is een neutrale werkwijze hanteert die geen direct onderscheid tot gevolg heeft. De werkgever maakt hiermee wel indirect onderscheid omdat mensen met een handicap of chronische ziekte hierdoor bijzonder worden getroffen. Dit gaat echter niet op voor de werknemer, omdat hij wel zelf het kerstpakket kon ophalen.
5 Geen loondoorbetaling zieke werknemer, loonstop terecht
Vanwege de houding van de arbeidsongeschikte werknemer had de werkgever geen enkel vertrouwen meer dat de werknemer alsnog zou gaan meewerken aan zijn re-integratie en zou voldoen aan de redelijke verzoeken van de werkgever. Daarmee komt volgens de kantonrechter vast te staan dat de werknemer zonder deugdelijke grond niet mee heeft gewerkt aan een redelijk voorschrift en was de werkgever gerechtigd om de loonstop op te leggen.
6 Geen opbouw vakantiedagen in derde ziektejaar, dus geen uitbetaling dagen
De kantonrechter ontbindt het slapend dienstverband op verzoek van de werknemer en kent een (schade)vergoeding ter hoogte van de transitievergoeding toe. Aangezien de werknemer geen vakantiedagen in derde ziektejaar heeft opgebouwd, is uitbetaling van deze dagen bij einde van de arbeidsovereenkomst niet aan de orde.
7 Zieke werknemer onbereikbaar en onvindbaar: redelijke grond voor ontbinding contract
De werkgever verzoekt om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met de werknemer. De kantonrechter wijst het verzoek toe, omdat er een redelijke grond is voor ontbinding, namelijk het feit dat de werknemer na een ziekmelding niet meer op zijn werk verschijnt waarna er met hem geen enkel contact meer te leggen is en hij onvindbaar is.
8 Achterstallig loon, vakantiedagen en transitievergoeding aan zieke werknemer betalen
Vast staat dat de werknemer met ingang vanaf het tweede ziektejaar, vanaf december 2024, slechts recht heeft op 70% van het loon. Dit betekent dat de vakantietoeslag vanaf december 2024 berekend moet worden over 70% van het loon in plaats van 100%.
De kantonrechter volgt de werkgever niet in de stelling dat de werknemer over de laatstgenoemde periode geen recht heeft op uitbetaling van vakantiedagen, omdat hij toen al een Ziektewetuitkering ontving. De opbouw van vakantiedagen loopt namelijk – ongeacht de arbeidsongeschiktheid van de werknemer – tijdens ziekte gedurende 104 weken door tot aan het einde van de arbeidsovereenkomst per 17 augustus 2025.

