Tijdens de behandeling van de begroting Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) in de Tweede Kamer zijn verschillende moties aangenomen. De relevante moties voor jou als salarisprofessional op een rij.
Alternatieven voor verlaging maximumdagloon
Motie van de leden Flach en Ceulemans over alternatieven voor de verlaging van het maximumdagloon:
“constaterende dat een verlaging van het maximumdagloon van uitkeringen met 20% in
het coalitieakkoord is opgenomen;
overwegende dat er zorgen bestaan over de effecten hiervan op uitkeringsgerechtigden, zoals bij kwetsbare groepen, bestaande gevallen en ouders die gebruik maken van verlofregelingen;
verzoekt de regering alle alternatieven voor deze maatregel in kaart te brengen, waaronder in ieder geval een eerbiedigende werking voor bestaande uitkeringsgerechtigden, en de Kamer over de uitkomsten hiervan te informeren”.
Geen nadelige gevolgen ouders bij lager maximumdagloon
Motie van de leden Ceder en Flach over bevorderen dat de verlaging van het maximumdagloon geen nadelige gevolgen heeft voor ouders
“constaterende dat het maximumdagloon voor alle uitkeringsregelingen met 20% wordt verlaagd;
spreekt uit dat de blijde gebeurtenis van de geboorte van een baby financieel niet bestraft mag worden;
verzoekt de regering te bevorderen dat de verlaging van het maximumdagloon geen nadelige gevolgen heeft voor ouders”.
Doorrekening Nibud
Motie van het lid Lahlah c.s. over het Nibud vragen om een doorrekening van de kabinetsplannen voor voorbeeldhuishoudens:
“verzoekt de regering om het Nibud te vragen om een doorrekening van de kabinetsplannen voor diverse voorbeeldhuishoudens, waarbij de stapeling van maatregelen op zowel sociale zekerheid als in de zorg worden meegenomen in samenhang met inkomenspolitiek”.
Uitval jonge werkende vrouwen
Motie van het lid Neijenhuis c.s. over meer inzicht in de onderliggende oorzaken voor de uitval van met name jonge vrouwen op de arbeidsmarkt:
“constaterende dat uit het ibo WIA blijkt dat de instroom in de WIA sinds de invoering bijna is verdubbeld, terwijl het aantal vrouwen met een psychische aandoening in de WIA zelfs meer dan verdubbeld is
verzoekt de regering een plan op te stellen voor meer inzicht in de onderliggende oorzaken voor de grote uitval van met name jonge vrouwen op de arbeidsmarkt, vervolgens tekortkomingen en oplossingsrichtingen in beleid in kaart te brengen, en de Kamer hierover voor de volgende begrotingsbehandeling SZW te informeren”.
Ondernemers betrekken bij nieuwe Wet verbetering poortwachter
Motie van het lid Michon-Derkzen over ondernemers nadrukkelijker betrekken bij de uitwerking van de hervormde Wet verbetering poortwachter:
“verzoekt de regering in de uitwerking van de hervormde Wet verbetering poortwachter ondernemers, waaronder in het mkb, nadrukkelijk te betrekken bij het identificeren van knelpunten en belemmeringen, en de Kamer hier voor de zomer van 2026 over te informeren”.
Hervormde transitievergoeding
Motie van het lid Michon-Derkzen over de hervormde transitievergoeding met prioriteit uitwerken:
“overwegende dat dit in het regeerakkoord expliciet gekoppeld is aan het hervormen van de transitievergoeding, waarbij werkgevers die tijdig en voldoende hebben geïnvesteerd in bijscholing, omscholing of zich maximaal inzetten rondom de re-integratieverplichtingen uit de Wet verbetering poortwachter lagere tot helemaal geen verplichtingen ten aanzien van de transitievergoeding hebben;
van mening dat het afschaffen van de compensatie onwenselijke gevolgen heeft voor ondernemers en de werkgelegenheid als dit niet hand in hand gaat met de hervorming van de transitievergoeding;
verzoekt de regering de hervormde transitievergoeding met prioriteit uit te werken zodat deze, mits binnen financiële kaders, gelijktijdig kan worden ingevoerd met het afschaffen van de compensatie”.
Terugvalmogelijkheid voor WIA en Wajong
Motie van het lid De Beer c.s. over het uitwerken van een concrete terugvalmogelijkheid voor de WIA en de Wajong:
“constaterende dat voor veel mensen in de WIA en de Wajong de stap naar werk financieel en praktisch risicovol is, omdat zij bij (gedeeltelijke) werkhervatting hun uitkering verliezen en niet eenvoudig kunnen terugvallen wanneer hun gezondheidssituatie dat noodzakelijk maakt;
overwegende dat het arbeidsongeschiktheidsstelsel meer gericht zou moeten zijn op wat mensen wél kunnen, en het zetten van stappen richting werk gestimuleerd moet worden; (…)
verzoekt de regering om, in het kader van de herziening van het arbeidsongeschiktheidsstelsel, een concrete terugvalmogelijkheid voor de WIA en de Wajong uit te werken en de Kamer hierover te informeren”.
Automatisch uitkeren inkomensondersteuning
Motie van het lid Hamstra c.s. over in kaart brengen wat er precies nodig is voor het automatisch uitkeren van inkomensondersteuning:
“overwegende dat veel mensen op dit moment niet de inkomensondersteuning krijgen waar zij recht op hebben door complexiteit van het stelsel, maar ook doordat zij regelingen niet aanvragen uit angst voor terugvorderingen;
overwegende dat automatisch toekennen op basis van actuele inkomensgegevens hiervoor een oplossing kan bieden, wat bijvoorbeeld in België succesvol is, en dat deze richting ook in het coalitieakkoord is opgenomen;
verzoekt de regering op korte termijn in kaart te brengen wat er precies nodig is voor het werken naar automatisch uitkeren, waaronder het uitbreiden van de polisadministratie tot een volledig inkomensregister, ook voor zelfstandigen, en het harmoniseren van begrippen en betere gegevensuitwisseling, wat daarbij de knelpunten zijn, en wat de stappen hiernaartoe zijn”.
Arbeidsongeschiktheidsregelingen in omringende landen
Motie van het lid Ceulemans over onderzoeken welke regelingen in omliggende landen bijdragen aan lager ziekteverzuim en minder instroom in arbeidsongeschiktheidsregelingen:
“constaterende dat Nederland relatief veel arbeidsongeschikten kent en dat het ziekteverzuim en de instroom in de arbeidsongeschiktheidsregelingen in de omringende landen lager liggen;
overwegende dat verschillen in regelingen van invloed kunnen zijn op ziekteverzuim en re-integratie;
verzoekt de regering om in kaart te brengen hoe en welke regelingen in omringende landen bijdragen aan lager ziekteverzuim en minder instroom in arbeidsongeschiktheidsregelingen, te bezien welke lessen hieruit kunnen worden getrokken voor het Nederlandse stelsel”.
Uitwerking Zelfstandigenwet
Motie van de leden Ergin en Ceulemans over voor het zomerreces meer richting geven aan de uitwerking van de Zelfstandigenwet:
“constaterende dat het kabinet een groot deel van het wetsvoorstel Vbar heeft ingetrokken en heeft aangekondigd te werken aan een nieuwe Zelfstandigenwet die duidelijkheid moet bieden over de positie van zelfstandigen;
constaterende dat momenteel wel wordt gehandhaafd op schijnzelfstandigheid en dat tegelijkertijd veel zelfstandigen en opdrachtgevers nog steeds in grote onzekerheid zitten over wanneer sprake is van zelfstandig ondernemerschap en wanneer van een dienstverband;
overwegende dat het van groot belang is dat er zo snel mogelijk duidelijkheid komt over het nieuwe wettelijk kader voor zelfstandig werkenden;
verzoekt de regering om voor het zomerreces meer richting te geven aan de vervolgstappen en de verdere uitwerking van de aangekondigde Zelfstandigenwet”.
Effecten handhaving schijnzelfstandigheid
Motie van het lid Ergin over de Kamer periodiek informeren over de effecten van de handhaving van schijnzelfstandigheid op de arbeidsmarkt:
“constaterende dat de handhavingsstrategie rond zzp’ers recent is aangepast en de zogenoemde «zachte landing» tot het einde van dit jaar loopt;
overwegende dat de effecten van deze handhavingsstrategie in de praktijk nog in ontwikkeling zijn en dat op termijn nieuwe wetgeving wordt voorzien;
verzoekt de regering de Kamer periodiek te informeren over de effecten op de arbeidsmarkt en de uitvoering van de handhaving op schijnzelfstandigheid”.
Eenvoudige kantoren-RI&E
Motie van de leden Flach en Kisteman over een eenvoudige kantoren-RI&E:
“constaterende dat werkgevers met maximaal 25 werknemers die een erkende branche-RI&E
gebruiken, zijn uitgezonderd van verplichte externe toetsing, maar dat er geen aparte branche is voor kantoren;
overwegende dat de arborisico’s in een kantooromgeving relatief beperkt zijn;
verzoekt de regering werk te maken van een eenvoudige kantoren-RI&E waarbij kleinere werkgevers met een kantoorlocatie worden uitgezonderd van externe toetsing en deze RI&E uiterlijk dit najaar met de Kamer te delen;
verzoekt de regering daarnaast te verkennen hoe in de toekomst meer bedrijven met lage risico’s kunnen worden uitgezonderd van RI&E-verplichtingen”.
Premieopslag verdwijnen
Motie van het lid Ceder over uitspreken dat de premieopslag moet verdwijnen:
“overwegende dat het AEF-rapport «Werking en effecten van de hogere bestuursrechtelijke
premie op verzekerden met een betalingsachterstand» concludeert dat de bestuursrechtelijke
premie op de wanbetalersregeling niet het effect heeft zoals beoogd;
overwegende dat de huidige premieopslag geen effect heeft op de wanbetalers die niet willen betalen, en ondertussen wel tot ernstige problemen en schulden leidt voor wanbetalers die niet kunnen afbetalen;
spreekt uit dat de premieopslag moet verdwijnen;
verzoekt de regering de Kamer voor het zomerreces te informeren over wat daarvoor
nodig is”.
Lasten op arbeid structureel verlagen
Motie van het lid Moinat over onderzoeken hoe lasten op arbeid structureel verlaagd kunnen worden:
“constaterende dat werken voor veel Nederlanders financieel onvoldoende loont ten opzichte van het ontvangen van een uitkering;
overwegende dat een structurele verlaging van lasten op arbeid kan bijdragen aan een grotere financiële prikkel om te werken;
verzoekt de regering te onderzoeken hoe lasten op arbeid structureel verlaagd kunnen worden, zodat werken netto meer oplevert dan een uitkering, en de Kamer hierover te informeren”.
Duurzaam aan het werk komen
Motie van het lid Moinat over inzichtelijk maken hoeveel mensen via re-integratietrajecten duurzaam aan het werk komen:
“constaterende dat jaarlijks veel mensen deelnemen aan re-integratietrajecten met als doel terugkeer naar de arbeidsmarkt; (…)
verzoekt de regering inzichtelijk te maken hoeveel mensen via re-integratietrajecten duurzaam aan het werk komen”.

