Een man is een arbeidsmigrant die als uitzendkracht voor een uitzendwerkgever werkt. Op 27 september 2025 heeft hij zich ziekgemeld. Op 30 september 2025 heeft de uitzendwerkgever de ziekmelding gesloten.
In een email van die dag van een medewerker van OnSite AH Zwolle staat dat de uitzendkracht op 30 september 2025 geen contact heeft opgenomen met OnSite AH Zwolle en dat er daarom vanuit wordt gegaan dat hij volledig hersteld is en weer aan het werk kan. Volgens een medewerker van het Operations Service Center van de uitzendwerkgever kon de man zich die avond opnieuw ziekmelden. De uitzendkracht stapt naar de rechter.
De uitzendkracht heeft onder meer gesteld dat hij tijdens ziekte werd geconfronteerd met tegenstrijdige instructies vanuit verschillende afdelingen en herhaaldelijke contactverplichtingen met directe gevolgen voor de ziekmelding.
Herhaaldelijke contactverplichtingen
Dat sprake is van herhaaldelijke contactverplichtingen tijdens ziekte blijkt uit een email van 30 september 2025 van een medewerker van OnSite AH Zwolle.
In de e-mail wordt verwezen naar een ziekteverlofregeling van de uitzendwerkgever, op grond waarvan een zieke werknemer ook na de elke ziektedag iedere dag tussen 8:00 uur en 12:00 uur contact moet opnemen met de afdeling Ziekteverlof en met OnSite AH Zwolle.
Hoewel dit op zich een vergaande verplichting voor een werknemer met zich meebrengt en deze verplichting niet (direct) voortvloeit uit de re-integratieverplichtingen uit de wet, zoals de uitzendwerkgever wel stelt, en ook niet uit het personeelshandboek van de uitzendwerkgever, is deze verplichting niet dusdanig vergaand dat de uitzendwerkgever door het stellen van deze verplichting (ernstig) verwijtbaar handelt.
Werkgever gaat niet over arbeidsgeschiktheid
Wel acht de kantonrechter ernstig verwijtbaar dat de uitzendwerkgever zelf is overgegaan tot het beter melden en arbeidsgeschikt verklaren van de uitzendkracht. Het is niet aan een werkgever om te beslissen of een werknemer arbeidsgeschikt is of niet.
Andere sancties
Als een werknemer, in strijd met de hiervoor genoemde opgelegde verplichting, tijdens zijn ziekte niet iedere dag contact opneemt, zoals in het geval van de uitzendkracht, staan de uitzendwerkgever op grond van het Burgerlijk Wetboek andere sancties ter beschikking dan het zomaar beter melden van die werknemer.
Reden voor geen contact opnemen
In dit geval was slechts één dag sprake van een gebrek aan contact en heeft de uitzendwerkgever zelfs niet eerst geprobeerd zelf contact met de uitzendkracht op te nemen. Daarnaast heeft de uitzendkracht verklaard dat hij een reden had om geen contact met de uitzendwerkgever op te nemen. Hij had namelijk van personeelszaken van de uitzendwerkgever begrepen dat het volgende contactmoment op initiatief van de uitzendwerkgever plaats zou vinden, zoals overigens ook in het personeelshandboek van de uitzendwerkgever staat vermeld. Als de uitzendwerkgever contact had opgenomen met de uitzendkracht had zij dat van de uitzendkracht kunnen vernemen.
Tegenstrijdige instructie
Deze ‘tegenstrijdige’ instructie, die op zich niet door de uitzendwerkgever is weersproken, is op zichzelf zonder nadere concretisering niet direct als (ernstig) verwijtbaar handelen van de uitzendwerkgever aan te merken. Niet gesteld is dat deze instructie is gegeven door lichtvaardig of onzorgvuldig handelen van de uitzendwerkgever of dat sprake is van een structurele werkwijze van de uitzendwerkgever. Het kan ook een misverstand of een eenmalige fout zijn.
Ernstig verwijtbaar handelen
De kantonrechter is wel van oordeel dat het handelen van de uitzendwerkgever ná dit ‘gebrek aan contact’, namelijk het beter melden van de uitzendkracht zonder contact met hem te hebben gehad, moet worden aangemerkt als ernstig verwijtbaar handelen.
De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst en kent de uitzendkracht een billijke vergoeding toe van €15.000.
Uitspraak Rechtbank Overijssel, 21 mei 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:2758

