Het conceptwetsvoorstel vereenvoudiging premieheffing werkgeversbetalingen is op internetconsultatie.nl gepubliceerd. De einddatum van de internetconsultatie is 9 maart 2026.
Werkgevers blijken het toepassen van deze gedifferentieerde premies voor werknemersverzekeringen complex te vinden. Vooral werkgevers die naast loon ook een Ziektewetuitkering (ZW) of uitkering op grond van de Wet arbeid en zorg (Wazo) betalen. Voor loon en uitkering kan een verschillend premiepercentage gelden.
Dit wetsvoorstel regelt dat werkgevers dezelfde premiepercentages verschuldigd zijn over uitkeringen op grond van de ZW en Wazo als over het loon uit de dienstbetrekking waar de ziekte of het verlof betrekking op heeft. Het doel is de complexiteit te verminderen en tot een beter handhaafbare premieafdracht te komen.
Als gevolg van dit wetsvoorstel wordt de aangifte van werkgeversbetalingen van bepaalde ZW- en Wazo-uitkeringen eenvoudiger voor werkgevers. Werkgevers krijgen bij flexibele contracten een lagere AWf-premie vergoed dan zij zijn verschuldigd. Kleine werkgevers krijgen een hogere Aof-premie vergoed dan zij moeten betalen.
Besluit IKV
De wijziging van het Besluit IKV en dit wetsvoorstel zijn nauw met elkaar verweven. De wijziging van het Besluit IKV regelt dat werkgeversbetalingen op grond van ZW en Wazo in dezelfde IKV moeten worden opgenomen als de dienstbetrekking waaruit het recht op uitkering is ontstaan.
Dit wetsvoorstel regelt dat over het loon en werkgeversbetalingen op grond van ZW en Wazo die in dezelfde IKV worden aangegeven hetzelfde premiepercentage verschuldigd is. Het aangeven van loon en uitkering in afzonderlijke rubrieken is daardoor niet langer nodig.
Voor wie belangrijk?
Het wetsvoorstel is belangrijk voor:
- werkgevers;
- UWV;
- Belastingdienst;
- ontwikkelaars van salarissoftware;
- salarisprofessionals.
Wat wijzigt er?
Het wetsvoorstel regelt dat op werkgeversbetalingen van ZW- en Wazo-uitkeringen en op het loon uit de onderliggende dienstbetrekking dezelfde premiepercentages van toepassing worden. Werkgevers hoeven de werkgeversbetaling en het loon uit de onderliggende dienstbetrekking ook voor de premieheffing niet langer gescheiden aan te geven in de loonaangifte. Dit betekent minder regeldruk voor werkgevers.
Eenmalige aanpassing software
Voor werkzaamheden door softwareontwikkelaars geldt in de branche een gemiddelde
kostprijs van 80 euro per uur. De software die ziet op de premieafdracht moet worden aangepast. De inschatting van de impact is laag.
De tijdsinvestering voor het bouwen, testen en uitrollen van deze eenmalige wijzig wordt geraamd op 50-70 uur per softwareontwikkelaar.
Regeldrukbesparing
Om de juiste premie te betalen over de werkgeversbetalingen moet de werkgever een handmatige handeling uitvoeren. De tijdsinvestering van administratief personeel wordt structureel geraamd op
10-20 minuten per werkgever.
Door dit wetsvoorstel wordt de premieafdracht voor werkgeversbetalingen drastisch vereenvoudigd. Aangezien softwareleveranciers de premieafdracht in hun systemen inbouwen wordt de premieafdracht geautomatiseerd. Handmatige handelingen door werkgevers zijn daardoor niet meer nodig. Hierdoor zijn geen structurele kosten meer voor werkgevers om de juiste premie af te dragen over werkgeversbetalingen. Dit leidt tot een structurele regeldrukbesparing van 4.2 miljoen euro.
Uitvoering
De uitvoeringspraktijk handelt al vaak in overeenstemming met hetgeen het wetsvoorstel regelt. De meeste werkgevers doen al loonaangifte van ZW en Wazo-uitkeringen op de wijze zoals beschreven in dit wetsvoorstel. Dit wetsvoorstel formaliseert de meest gangbare uitvoeringspraktijk en heeft tot doel zowel de aangifte door werkgevers als het toezicht door de Belastingdienst daarop te vereenvoudigen.
Financiële gevolgen
Dit wetsvoorstel heeft financiële gevolgen voor werkgevers. De aanpassing van het Besluit IKV heeft zelf geen financiële gevolgen. De aanpassingen van de te betalen premies over uitkeringen hebben wel financiële gevolgen.
Werkgevers moeten op dit moment over ZW- en Wazo-uitkeringen die zij namens UWV betalen de lage AWf-premie en de hoge Aof-premie afdragen. Met dit wetsvoorstel verandert dit: voortaan betalen werkgevers over een ZW- of Wazo-uitkering dezelfde premiepercentages als over het loon.
Als sprake is van een kleine werkgever, daalt de te betalen Aof-premie. Over een uitkering betaalt een kleine werkgever op dit moment de hoge Aof-premie, en straks de lage Aof-premie. Het verschil tussen de hoge en lage Aof-premie is in 2026 1,36 procentpunt. Als sprake is van een flex-contract, stijgt de te betalen AWf-premie. Over een uitkering aan iemand met een flex-contract betaalt een werkgever op dit moment het lage AWf-tarief, en straks het hoge AWf-tarief. Het verschil tussen de lage en hoge AWf-premie is in 2026 vijf procentpunt.
Voor een grote werkgever verandert dit wetsvoorstel dus niets aan de premies die hij
betaalt voor iemand met een vast contract.
In 2026 wordt naar verwachting 4,3 miljard euro uitgegeven aan Wazo- en ZW-uitkeringen die door dit wetsvoorstel worden beïnvloed.
In totaal gaan werkgevers door dit voorstel ongeveer 36 miljoen euro meer premies afdragen. Daarvan wordt 38 miljoen afgedragen door grote werkgevers. Kleine werkgevers gaan er als groep per saldo iets op vooruit. Of dat ook voor een individuele kleine werkgever geldt hangt van zijn arbeidsovereenkomsten af. Als hij meer dan gemiddeld gebruik maakt van flex-contracten dan gaat hij er per saldo iets op achteruit.
Lastenverlichting via verlaging AWf-premies
Als gevolg van dit wetsvoorstel gaan werkgevers dus meer premies betalen. Deze lastenverzwaring compenseert het kabinet via een lastenverlichting. Daarvoor zal het kabinet vanaf het jaar dat dit wetsvoorstel in werking treedt de AWf-premies zodanig verlagen dat daarmee 36 miljoen minder premie wordt opgehaald. Dat is een tariefverlaging van ongeveer 0,01 procentpunt voor zowel het hoge AWf-tarief als het lage AWf-tarief.
Het kabinet kiest voor een lastenverlichting via de AWf-premie, en niet via de Aof-premie omdat de kosten van dit wetsvoorstel vooral neerslaan bij werkgevers die de hoge AWf-premie betalen.
Inwerkingtreding
De beoogde inwerkingtredingsdatum van het wetsvoorstel is 1 januari 2028. Van belang is dat dit wetsvoorstel gelijktijdig met het Besluit IKV en de wijziging van het Besluit IKV in werking treedt. Het wetsvoorstel heeft onmiddellijke werking. Er is geen sprake van overgangsrecht.
Om werkgevers en softwareontwikkelaars voldoende tijd te gunnen de nieuwe regels te implementeren, wordt ervoor gekozen om het Besluit IKV en dit wetsvoorstel niet al een jaar eerder in werking te laten treden.
Wetsvoorstel vereenvoudiging premieheffing werkgeversbetalingen

