Een organisatie stelt voor haar medewerkers op elke etage structureel fruit beschikbaar. Aanvullend daarop worden van juni tot en met september tijdens vergaderingen flesjes water verstrekt, naast de standaard koffie en thee. De buitendienstmedewerkers nemen na een vergadering frequent fruit en een flesje water mee, die zij consumeren onderweg naar een klant. Het gevolg is dat de lege flesjes, waar statiegeld op rust, niet meer op kantoor worden ingeleverd. Het is de vraag of het fruit en het water in deze situatie nog kunnen worden geboekt als nihilwaardering (consumpties op de werkplek) én of het statiegeld dat de medewerker behoudt tot het loon moet worden gerekend.
Werkplek
Consumpties op de werkplek die geen onderdeel zijn van een maaltijd zijn onderdeel van art 3.7 URLB 2011. Het gaat dan om voorzieningen die geheel of gedeeltelijk op de werkplek gebruikt of verbruikt worden. Gebruik geldt voor zaken die geen eenmalig karakter hebben en die de werkgever toestaat. Voorbeelden hiervan zijn mogelijkheden om op de werkplek mede privé te kopiëren, te internetten of te telefoneren.
Een appeltje en flesje water hebben een eenmalig karakter. Kleine versnaperingen als koffie, thee, snacks, soep, een gebakje of een drankje kunnen zonder fiscale gevolgen worden verstrekt als dat gebeurt op de werkplek. De wetgever heeft ongetwijfeld bedoeld dat de consumpties op de werkplek worden genuttigd. Dat stukje fruit of drankje dat verbruikt wordt op weg naar een klant of tijdens een lunchwandeling mag ook gezien worden als consumptie op de werkplek. Daarover valt de Belastingdienst niet.
Ander verhaal
Het wordt een ander verhaal als het om kilo’s fruit of trays drankjes voor thuisgebruik gaat. Dan is er geen sprake meer van consumpties op de werkplek en moet de factuurwaarde tot het loon worden gerekend dan wel ten laste worden gebracht van de vrije ruimte. Dat geldt ook voor consumpties bij extern gehouden personeelsfestiviteiten, zoals recepties, personeelsuitjes of jubilea.
Spijkers op laag water
Ook van het flesje water is het de bedoeling dat het op de werkplek wordt genuttigd. Bij invoering van art. 3.7 URLB 2011 werd er nog geen statiegeld geheven op blikjes en plastic flesjes. Toen dat werd ingevoerd, zal de wetgever er ook van uit zijn gegaan dat het bekertje, blikje of flesje achterblijft op de locatie en niet voor eigen gewin door werknemers wordt meegenomen. Zo niet, dan was dit artikel zeker een keer aangevuld. Deze wetgeving zoekt geen spijkers op laag water, dus maak je geen zorgen om die incidentele € 0,15 statiegeld.
Advies
Leg bij een controle je vraag eens voor aan de controlemedewerker van de Belastingdienst. Je krijgt dan een antwoord namens de handhavende instelling en laat meteen een nauwkeurige indruk achter bij de controlemedewerker.
Dit vakartikel komt uit de Kennisbank voor salarisprofessionals van 2Xplain. Probeer het vrijblijvend uit met een gratis maandabonnement. Ga naar: 2xplain.nl/kennisbank-proefabonnement


