De minister kent het bericht over interim-salarissen bij de publieke omroep en dat een Kamermeerderheid bereid is om de wet zodanig aan te passen waardoor ook interimmers die als zelfstandigen werken niet meer kunnen verdienen dan de norm die de Wet normering topinkomens (WNT) stelt, ook niet met het stapelen van verschillende opdrachten in de publieke sector.
Er is volgens hem geen sprake van omzeiling van de WNT. De WNT maximeert de totale bezoldiging van topfunctionarissen zonder dienstbetrekking die twee of meer functies bij twee of meer WNT-instellingen naast elkaar vervullen, niet.
Doel WNT
Het doel van de WNT is het tegengaan van bovenmatige beloningen en ontslagvergoedingen van topfunctionarissen bij instellingen in de publieke en semipublieke sector.
Met de WNT worden de beloningen en ontslagvergoedingen van topfunctionarissen gemaximeerd en op functiebenaming en naam openbaar gemaakt. Daarnaast wordt met de WNT de bezoldiging van niet-topfunctionarissen in dienstbetrekking, voor zover deze hoger is dan het algemeen bezoldigingsmaximum van artikel 2.3 WNT, openbaar gemaakt op functie (niet op naam).
De beschreven situatie wekt de indruk van topfunctionarissen die de randen van wat wettelijk is toegestaan opzoeken, en dat doet afbreuk aan het maatschappelijke en politieke draagvlak voor instellingen in de publieke en semipublieke sector. Het is belangrijk dat er zorgvuldig wordt omgegaan met publiek geld.
Anticumulatiebeding
Topfunctionarissen zonder dienstbetrekking zijn momenteel al gemaximeerd door de WNT per afzonderlijk dienstverband.
In de anticumulatiebepaling van artikel 1.6a WNT is geregeld dat de totale bezoldiging van een topfunctionaris die op basis van dienstbetrekking gelijktijdig werkt als leidinggevende topfunctionaris bij twee of meer WNT-instellingen, niet hoger mag zijn dan het algemeen bezoldigingsmaximum dan wel een voor één van de dienstbetrekkingen van toepassing zijnde hoger bezoldigingsmaximum.
Naar aanleiding van deze casus laat de minister van BZK onderzoeken of de beschreven situatie zich vaker voordoet of heeft voorgedaan. Zo ja, dan dient de minister van BZK een voorstel in om de WNT zodanig aan te passen om de anticumulatiebepaling uit te breiden voor interimmers.
Hoger bezoldigingsmaximum in eerste jaar
De WNT staat toe dat een leidinggevende topfunctionaris zonder dienstbetrekking in de eerste twaalf kalendermaanden van functievervulling een hoger maximum ontvangt dan het algemeen bezoldigingsmaximum. Hier is voor gekozen zodat een instelling met een dringende vraag om vervanging of bij behoefte aan specialistische kennis een geschikte kandidaat kan werven.
Verder biedt het hogere bezoldigingsmaximum voor een jaar compensatie aan de topfunctionaris voor de (financiële) risico’s die samenhangen met de vaak flexibele en kortdurende opdrachten. Vanaf de dertiende kalendermaand van de functievervulling geldt het algemeen bezoldigingsmaximum. Het is dan ook niet mogelijk om een topfunctionaris zonder dienstbetrekking langer dan één jaar meer bezoldiging te betalen dan het algemeen bezoldigingsmaximum.
Is er een arbeidsovereenkomst?
Of in de geschetste situatie sprake is van een arbeidsovereenkomst, wordt beoordeeld op basis van de bestaande wet- en regelgeving en jurisprudentie. Ook bij inhuur van interimmers moet worden getoetst aan de criteria van artikel 7:610 van het Burgerlijk Wetboek, te weten arbeid, loon en gezag. Dit is zowel onder de huidige wetgeving het geval als ook onder de Wet Vbar (als deze in huidige vorm in werking treedt). Hierbij geldt dat er gekeken moet worden naar alle feiten en omstandigheden in onderling verband.
Het is op basis van de in het artikel beschreven omstandigheden en daarmee zonder alle feiten te kennen niet mogelijk een uitspraak te doen of mogelijk sprake is van schijnzelfstandigheid.
Handhaving
De Belastingdienst handhaaft op de juiste kwalificatie van de arbeidsrelaties voor de loonheffingen en controleert in dat kader de juistheid van de door de werkgever ingediende loonaangifte. Daarbij beoordeelt de Belastingdienst of de werkende al dan niet werkt op basis van een arbeidsovereenkomst. De Belastingdienst zal naheffingsaanslagen loonheffingen opleggen als hij vaststelt dat sprake is van een arbeidsovereenkomst, terwijl er geen loonheffingen zijn ingehouden en afgedragen. Het is vervolgens aan de werkgever om te beslissen of hij de werkende in dienst neemt of dat hij de werkzaamheden dusdanig inricht dat deze wel buiten dienstbetrekking verricht kunnen worden. De Belastingdienst is niet de toezichthouder op de WNT-regelgeving.
Verkeerde WNT-normering?
In de WNT is bepaald dat onder dienstbetrekking wordt verstaan een echte of fictieve dienstbetrekking als bedoeld in de Wet op de loonbelasting 1964. Dus als achteraf blijkt dat partijen de normering anders dan op grond van dienstbetrekking hebben toegepast terwijl sprake was van een dienstbetrekking en de reguliere normering had moeten worden toegepast, heeft dat voor partijen tot gevolg dat de verkeerde WNT-normering is toegepast en dat mogelijk sprake is van onverschuldigd betaalde bezoldiging. De WNT-instelling moet deze dan terugvorderen en de topfunctionaris moet terugbetalen.
Antwoorden op Kamervragen over interim-salarissen in de publieke sector

