
De werknemer stelt dat de arbeidsovereenkomst twee keer stilzwijgend is verlengd. De werkgever ontkent dat en toont de tweede arbeidsovereenkomst waarop te zien is dat de werknemer deze arbeidsovereenkomst digitaal heeft ondertekend.
Werknemer: twee keer stilzwijgend verlengd
De werknemer vordert een verklaring voor recht dat de arbeidsovereenkomst tussen haar en de werkgever op 25 januari 2023 is geëindigd, met veroordeling van de werkgever in de proceskosten.
Aan haar vordering legt de werknemer ten grondslag dat ze op 26 april 2021 een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, te weten: voor zeven maanden, met de werkgever is aangegaan. Die arbeidsovereenkomst is vervolgens twee keer stilzwijgend verlengd met steeds zeven maanden. Dat betekent dat haar (derde) arbeidsovereenkomst van rechtswege op 25 januari 2023 is geëindigd.
Werkgever: niet stilzwijgend verlengd
De werkgever heeft gemotiveerd verweer gevoerd. Hij stelt dat hij met de werknemer inderdaad op 26 april 2021 een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, te weten: voor zeven maanden, heeft gesloten, maar dat deze arbeidsovereenkomst niet stilzwijgend is verlengd.
Tweede tijdelijk contract voor een jaar
Op 24 november 2021 hebben partijen een tweede arbeidsovereenkomst gesloten; deze keer voor een jaar. Die arbeidsovereenkomst is niet verlengd. Daarom is de arbeidsovereenkomst tussen partijen van rechtswege geëindigd op 25 november 2022, aldus de werkgever.
De werkgever heeft geconcludeerd tot afwijzing van de vorderingen van de werknemer, met veroordeling van de werknemer in de proceskosten en nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.
Gedegen onderbouwing werkgever
De werkgever heeft de stelling dat partijen met elkaar, na de eerste arbeidsovereenkomst, een tweede arbeidsovereenkomst voor één jaar hebben gesloten gedegen onderbouwd.
Digitale ondertekening
Zo heeft de werkgever onder andere uitgelegd dat partijen al sinds 2018 bekend waren met elkaar, heeft hij de arbeidsovereenkomst overgelegd waarop te lezen is dat de werknemer op 24 november 2021 deze (tweede) arbeidsovereenkomst digitaal ondertekend heeft en heeft de werkgever het proces van digitale ondertekening stap voor stap uitgelegd.
Gekwalificeerde elektronische handtekening
Ook heeft de werkgever erop gewezen dat de digitale ondertekening met waarborgen is omkleed, zoals elektronische ondertekening door OneSpan en een extra verificatie via een sms-code. Het geheel voldoet aan de eisen die Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van Richtlijn 1999/93/EG (eIDAS-Verordening) en art. 3:15a BW stellen.
Er is sprake van een gekwalificeerde elektronische handtekening en anders van een geavanceerde elektronische handtekening, aldus de werkgever.
Eerste arbeidsovereenkomst op exact dezelfde manier
Tot slot heeft de werkgever gesteld dat de eerste arbeidsovereenkomst, die op 26 april 2021 was ingegaan, op exact dezelfde (digitale) manier tot stand is gekomen en datzelfde geldt voor aanvullende documenten (de bruikleenovereenkomst en het loonheffingsformulier) die bij die arbeidsovereenkomst waren gevoegd.
Het bestaan van die (eerste) arbeidsovereenkomst en aanvullende documenten wordt niet door de werknemer betwist, aldus de werkgever.
Onvoldoende onderbouwing werknemer
Na deze gemotiveerde stellingen van de werkgever kon de werknemer niet volstaan met een blote betwisting/ontkenning van (het sluiten van) de tweede arbeidsovereenkomst. Zij heeft dat wel gedaan en daarom wordt haar vordering om te verklaren voor recht dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen op 25 januari 2023 geëindigd is, afgewezen, wegens onvoldoende onderbouwing.
Wel ziet de kantonrechter aanleiding, om verdere onduidelijkheden te voorkomen, om een verklaring voor recht af te geven dat de arbeidsovereenkomst op 25 november 2022 rechtsgeldig geëindigd is.
De werknemer wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten dragen.
Einde arbeidsovereenkomst op 25 november 2022
De kantonrechter verklaart voor recht dat de arbeidsovereenkomst tussen de werknemer en de werkgever op 25 november 2022 is geëindigd.
Uitspraak Rechtbank Gelderland, 7 juni 2023, ECLI:NL:RBGEL:2023:3402

