De Eerste Kamer behandelde maandag 15 en dinsdag 16 december de belastingplannen van het kabinet. Na afloop van het debat is gestemd over het pakket Belastingplan 2026 en andere wetten die met belastingen te maken hebben. Alle wetsvoorstellen zijn aangenomen. Ook zijn vijf moties aangenomen.
Tijdens het debat is veel gesproken over amendementen die de Tweede Kamer heeft aangenomen en die de belastingplannen hebben gewijzigd. De effecten van de wijzigingen zijn niet altijd even goed doordacht. Denk aan de aanpassing van de youngtimerregeling en de verhoging van de brandstofaccijnzen ten gunste van investeringen in het openbaar vervoer.
Ook is gesproken over de herziening van het gehele belastingstelsel, en met name het toeslagenstelsel. De Eerste Kamer vraagt hier al lang om, maar ziet nog geen verandering. Volgens staatssecretaris Heijnen van Fiscaliteit moeten er keuzes worden gemaakt waarvoor breed maatschappelijk draagvlak nodig is. Het demissionair kabinet vindt het niet hun taak om deze keuzes te maken of stappen te zetten.
Aangenomen moties
De volgende moties zijn aangenomen:
- De motie-Martens c.s. over een definitie voor complexiteit van het belastingstelsel.
- De motie-Holterhues c.s. over eenduidige en inzichtelijke verantwoording van belastingopbrengsten.
- De motie-Van Rooijen c.s. over een deugdelijke dekking in de Voorjaarsnota 2026.
- De motie-Koffeman c.s. over het behouden van meer elektrische voertuigen voor de Nederlandse tweedehandsmarkt.
- De motie-Kroon c.s. over niet beoogde meeropbrengsten youngtimerregeling terugsluizen.
Verworpen moties
De verworpen moties betreffen onder meer:
- De motie-Schalk c.s. over uitstel verhoging brandstofaccijnzen.
- De motie-Beukering c.s. over voorgestelde accijnsverhogingen op brandstoffen.
- De motie-Van den Oetelaar c.s. over invoeren van een cap bij de youngtimerregeling.
Relevante maatregelen
Nog even in het kort de relevante maatregelen op een rij:
Een onduidelijkheid in de bijtelling van zakelijke fietsen wordt vanaf volgend jaar weggenomen. Als een werknemer een deelfiets ook privé gebruikt, hoeft daarover geen 7% bijtelling meer betaald te worden. Er geldt alleen géén bijtelling als de fiets in minder dan 10 procent van de gevallen bij het woon- of verblijfadres staat.
Om het terugdraaien van de btw-verhoging op cultuur, media en sport te betalen, worden de schijven van de inkomstenbelasting en heffingskortingen niet volledig aangepast aan de inflatie. Hierdoor vallen mensen iets eerder in een volgende schijf in de inkomstenbelasting. De eerste schijf van de inkomstenbelasting gaat van € 38.441 nu naar € 39.357 in 2026. De tweede schijf van de inkomstenbelasting gaat van € 76.817 nu naar € 79.137 in 2026.
Ook wordt een aanpassing in de arbeidskorting gedaan. Deze bedragen zijn normaal gesproken gekoppeld aan de stijging van het wettelijk minimumloon. Voor 2026 gaat dat anders. Hierdoor gaat de hoogte van de inkomensgrenzen op 1 januari 2026 omlaag. Daardoor krijgen mensen die in deeltijd werken en minder dan het minimumloon verdienen, meer arbeidskorting in 2026.
De fiscale regeling voor buitenlandse werknemers die tijdelijk in Nederland zijn (ETK-regeling) wordt per 2026 versoberd. Werknemers kunnen extra kosten voor levensonderhoud en extra gesprekskosten voor privédoeleinden met het land van herkomst niet meer belastingvrij declareren.
Het vrijgestelde maandbedrag voor vervroegd pensioen (RVU) gaat in 2026 met €300 bruto omhoog. De werkgever hoeft hierover geen extra belasting te betalen en oudere werknemers met zwaar werk kunnen hierdoor gemakkelijker eerder met pensioen.
Het kabinet wil dat de vergroening van het wagenpark van Nederland doorgaat. Daarom gaat het verlaagde bpm-tarief voor emissievrije auto’s ook gelden voor emissievrije motoren en bijzondere personenauto’s, zoals kampeerauto’s en voertuigen voor rolstolvervoer. Tegelijkertijd worden de bpm-tarieven aangepast, zodat voldoende prikkel blijft bestaan om brandstofauto’s nog zuiniger te maken.
Een korting op de bijtelling voor het privégebruik van een auto van de zaak zonder CO2-uitstoot wordt voor twee jaar verlengd. Om dit te kunnen betalen wordt de youngtimerregeling versoberd. Met deze regeling krijgen ondernemers en dga’s (directeur-grootaandeelhouder) die een zakelijke auto ook privé rijden die meer dan vijftien jaar geleden voor het eerst in gebruik is genomen een voordeel in de bijtelling. Vanaf 2026 wordt de minimumleeftijd van deze auto verhoogd van vijftien naar zestien jaar.
Youngtimers die in de loop van komend jaar zestien jaar oud worden houden nog recht op de gunstige bijtelling, zo heeft het kabinet aanvullend geregeld. Voordat de gunstige bijtelling in 2027 wordt verhoogd van 16 naar 25 jaar, kunnen zij dan nog van auto veranderen. Deze late wijziging van de maatregel betekent dat sommige dga’s de aanpassing handmatig moeten verwerken of naderhand correcties indienen.
Naar alle wetsvoorstellen (Pakket Belastingplan 2026)

