Met de RVU-drempelvrijstelling kunnen werkgevers tot drie jaar voor de AOW-leeftijd stoppen met werken aanbieden aan werknemers die niet gezond kunnen doorwerken vanwege de zwaarte van het werk. Op voorhand is niet te zeggen voor hoeveel mensen dit geldt, dat is een samenspel van werkzaamheden en andere persoonlijke factoren.
Cao-partijen zijn aan zet om te bepalen voor wie zij een regeling voor vervroegde uittreding (RVU) nodig achten. In 2024 hebben ruim 13.000 mensen gebruikgemaakt van deze nieuwe mogelijkheid tot vroegpensioen.
Verdere kennisontwikkeling
Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) monitort jaarlijks samen met sociale partners de ontwikkelingen. Samen met het Expertisecentrum zwaar werk van TNO zet SZW de komende jaren in op verdere kennisontwikkeling over RVU-deelnemers en gezond doorwerken. Jaarlijks voor de zomer informeert de minister van SZW de Tweede Kamer hierover.
In hoeverre zijn eerdere ervaringen met bijvoorbeeld de VUT-regeling en de oude verlofspaarregeling meegenomen bij het ontwerpen van de voorgestelde maatregel?
Structurele verlenging
De in het wetsvoorstel Belastingplan 2026 voorgestelde maatregel betreft een structurele verlenging van de al bestaande tijdelijke RVU-drempelvrijstelling.
De RVU-drempelvrijstelling beoogt om voor mensen die nog niet gezond kunnen doorwerken tot de pensioenleeftijd eerder stoppen met werken mogelijk te maken. Dat is zo afgesproken in het pensioenakkoord uit 2019 en structureel gemaakt in akkoord ‘Gezond naar het pensioen’.
Voor de nu voorgestelde continuering van de tijdelijke RVU-drempelvrijstellig is gebruikgemaakt van ervaringen met de tijdelijke RVU-drempelvrijstelling. Met de RVU-drempelvrijstelling wordt tot drie jaar voor de AOW-leeftijd een uitkering fiscaal gefaciliteerd tot een bedrag dat in netto termen gelijk is aan de AOW. Zo kan een werkgever een eerdere AOW-leeftijd nabootsen voor werknemers die vanwege de zwaarte van het werk niet gezond kunnen doorwerken. Hiermee zijn andere kaders gesteld voor vroegpensioen dan bij eerdere regelingen.
Geen pseudo-eindheffing
Tot aan het bedrag van de RVU-drempelvrijstelling is de werkgever geen pseudo-eindheffing verschuldigd. Sociale partners en kabinet hebben hierbij in het akkoord ‘Gezond naar het pensioen’ afspraken gemaakt over een gerichte en beheerste inzet van RVU’s, met jaarlijkse monitoring en een driejaarlijks ijkmoment om te bezien of de ontwikkelingen in lijn zijn met de gemaakte afspraken.
Passende overgang
Het is belangrijk dat werkgevers en werknemers met zwaar werk naar een veel mogelijkheden kijken in het vormgeven van een passende overgang van werk naar pensioen. Daarom zijn er ook afspraken gemaakt over het onderzoeken van knelpunten en oplossingen rond verlofsparen, waarmee werknemers gedurende hun loopbaan zelf verlof kunnen opsparen voor extra hersteltijd, een geleidelijke overgang naar pensionering of eerder stoppen met werken, en over de inzet van vitaliteits- en generatiepacten.

