Het wetsvoorstel introduceert een nieuwe regeling in het Burgerlijk Wetboek (BW) voor de overgang van een onderneming in faillissement. Het doel hiervan is te zorgen voor een betere bescherming van werknemers bij de overgang van een onderneming in faillissement.
Met het wetsvoorstel Wet overgang van onderneming in faillissement wil de regering de positie van werknemers verbeteren wanneer een failliete onderneming wordt verkocht aan een nieuwe eigenaar (een doorstart). Het wetsvoorstel geeft regels over hoe ondernemingen hiermee moeten omgaan.
Overgang personeel na doorstart
De belangrijkste wijziging gaat over de overgang van het personeel na een doorstart. Op dit moment mag de overnemende onderneming (‘de verkrijger’) zelf kiezen welke werknemers na de doorstart een nieuwe arbeidsovereenkomst krijgen aangeboden.
Het wetsvoorstel bepaalt dat bij een doorstart voortaan alle werknemers die vóór het faillissement in dienst waren, in principe meegaan naar de nieuwe onderneming.
Uitzondering voor kleine ondernemingen
In het wetsvoorstel staat een uitzondering voor kleine ondernemingen. Een onderneming die een kleine onderneming overneemt, kan ervoor kiezen om de nieuwe regels niet te volgen.
De Raad van State maakt in het advies een opmerking over de keuze van de regering om de grootte van de onderneming die failliet is gegaan als maatstaf te gebruiken. Omdat de meeste ondernemingen die failliet gaan klein zijn, bestaat de kans dat de uitzondering de hoofdregel wordt en het wetsvoorstel niet zijn doel bereikt.
Daarnaast kan een grote onderneming met veel werknemers gebruikmaken van de uitzondering wanneer ze een kleine onderneming overneemt.
Extra verplichtingen
Verder maakt de Raad van State een opmerking over de extra verplichtingen waaraan ondernemingen moeten voldoen als zij van de uitzondering gebruik willen maken. In de toelichting bij het wetsvoorstel staat namelijk niet uitgelegd of de extra verplichtingen een te zware last zijn voor deze ondernemingen.
Deel personeel niet meenemen
Wanneer een onderneming na een doorstart niet al het personeel kan houden, bijvoorbeeld omdat het anders niet financieel gezond blijft, geeft het wetsvoorstel de verkrijger ruimte om een deel van het personeel niet mee te nemen.
Bij de keuze welk personeel wel of geen nieuwe arbeidsovereenkomst krijgt, moet de verkrijger de zogeheten inspiegelingsmethode gebruiken.
Inspiegelingsmethode
De inspiegelingsmethode houdt in dat als binnen gelijkwaardige functies arbeidsplaatsen blijven bestaan na de doorstart, per leeftijdsgroep wordt bekeken wie als laatste in aanmerking komt voor ontslag als er geen faillissement zou hebben plaatsgevonden. Deze werknemer krijgt als eerste een nieuwe arbeidsovereenkomst aangeboden. Alleen in bijzondere situaties mag hiervan worden afgeweken, zoals grote tijdsdruk.
Erg gedetailleerd
Volgens de Raad van State is de inspiegelingsmethode erg gedetailleerd. Hierdoor kunnen bedrijven besluiten om toch geen overname te doen. Het advies aan de regering is om in de toelichting bij het wetsvoorstel uit te leggen waarom juist deze methode wordt gebruikt en niet een andere.
Nieuwe arbeidsovereenkomst
Het wetsvoorstel verplicht de verkrijger om werknemers een nieuwe arbeidsovereenkomst aan te bieden, aangezien de curator na het uitspreken van het faillissement vaak de oude arbeidsovereenkomst heeft opgezegd. De nieuwe arbeidsovereenkomst moet dezelfde arbeidsvoorwaarden hebben als de oude overeenkomst bij de failliete werkgever.
Nadelen
Volgens de Raad van State kan het opstellen van een nieuwe arbeidsovereenkomst nadelen hebben voor de werkgever en de werknemer. Deze nadelen staan niet beschreven in de toelichting bij het wetsvoorstel. Ook staat er niet of er andere oplossingen mogelijk zijn die minder administratie geven. De Raad van State adviseert de regering dit alsnog in de toelichting op te nemen.
Advies Wet overgang van onderneming in faillissement

