Het is niet toegestaan om het lijfrentebedrag in mindering te brengen op het brutoloon. De Belastingdienst ziet dat dit soms wel gebeurt.
Voor zo’n lijfrentebedrag geldt geen (gerichte) vrijstelling en het betaalde bedrag is ook geen negatief loon. Je mag dit bedrag daarom niet in mindering brengen op het brutoloon. Heb je dit toch gedaan, dan moet je dit corrigeren.
Aanwijzen als eindheffingsloon
Op de hoofdregel geldt één uitzondering, namelijk als je het lijfrentebedrag aanwijst als eindheffingsloon. Het kan dan binnen de vrije ruimte van de werkkostenregeling vallen. Er moet wel aan de gebruikelijkheidstoets zijn voldaan. In dat geval neem je de loonbelasting over het lijfrentebedrag voor jouw rekening. Bij overschrijding van de vrije ruimte is de werkgever 80% eindheffing verschuldigd.
Verschil tussen pensioenpremie en lijfrentebedrag
Neemt de werknemer deel aan een pensioenregeling, dan mag je het werknemersdeel van de pensioenpremie in mindering brengen op het brutoloon van de werknemer. Een aanspraak ingevolge een pensioenregeling behoort niet tot het belastbare loon van de werknemer en is met andere woorden vrijgesteld. Datzelfde geldt voor een werknemersbijdrage ingevolge een pensioenregeling. Voor een lijfrente geldt zo’n vrijstelling voor de heffing van loonbelasting niet.
Lijfrentebedrag en aangifte inkomstenbelasting
Als de werknemer een lijfrente heeft afgesloten, is het daarvoor betaalde bedrag onder voorwaarden aftrekbaar in de aangifte inkomstenbelasting. Meer informatie hierover lees je op: belastingdienst.nl/aftrekken lijfrentepremies.
Zie: artikel 11, lid 1 onderdelen c en j Wet LB 1964
Hoofdstuk 14 Aangiften corrigeren Handboek Loonheffingen 2024
Bron: Forum Salaris
Zie ook het standpunt van de Kennisgroep verzekeringsproducten en assurantiebelasting van de Belastingdienst. De kennisgroep heeft de vraag beantwoord of sprake is van uitgaven voor inkomensvoorzieningen voor de werknemer als de werkgever rechtstreeks bedragen overmaakt naar een lijfrente van de werknemer.

