Wettelijke vakantiedagen die de werknemer niet heeft opgenomen, vervallen een half jaar na het kalenderjaar waarin hij ze heeft opgebouwd. Bovenwettelijke vakantiedagen vervallen in de regel na vijf jaar. Wettelijke vakantiedagen die een werknemer in 2025 heeft opgebouwd, vervallen in principe op 1 juli 2026. Bij cao of schriftelijke overeenkomst kan een ruimere vervaltermijn zijn overeengekomen.
De werkgever heeft een informatie- en zorgplicht ten aanzien van vakantiedagen. Volgens de Europese rechter moet een werkgever hierbij zeer zorgvuldig zijn.
Concreet en transparant
De werkgever moet er concreet en in alle transparantie voor zorgen dat de werknemer daadwerkelijk de mogelijkheid heeft om zijn jaarlijkse vakantie met behoud van loon op te nemen. Dit moet precies en tijdig gebeuren.
Het Hof van Justitie EU heeft bepaald dat de werkgever de werknemer daadwerkelijk de kans moet geven vakantie te genieten voordat sprake is van verval of verjaring van die dagen. De verval- en verjaringstermijnen kan de werkgever dus niet inroepen als de werknemer door de werkgever niet daadwerkelijk in staat is gesteld vakantiedagen op te nemen.
Voor de werknemer moet duidelijk zijn:
- hoeveel wettelijke vakantiedagen nog openstaan;
- tot wanneer die dagen moeten worden opgenomen;
- en dat de dagen vervallen als hij niets doet.
Dit moet expliciet en schriftelijk gebeuren. Handel op tijd! Begin nu alvast de werknemers te informeren.
De werknemer moet elk jaar het wettelijk aantal vakantiedagen kunnen opnemen. De werkgever mag daar geen bezwaar tegen maken. Ook niet met een beroep op ‘zwaarwegende bedrijfsbelangen’.
Vakantiedagen tijdens ziekte
Ook tijdens ziekte heeft de werknemer recht op vakantie. De werknemer moet de werkgever wel om toestemming vragen. Bij het opnemen van vakantiedagen tijdens ziekte krijgt de werknemer het volledige loon betaald.
Spelregels:
- Vraag de werkgever eerst om toestemming.
- Tijdens vakantiedagen krijgt de werknemer 100% loon betaald. Ook als de werknemer op dat moment 70% van het loon krijgt.
- Wanneer de werknemer denkt dat hij in het verleden tijdens vakantie in ziekteperiodes te weinig loon kreeg, kan de werknemer wellicht aan de werkgever nabetaling van loon vragen over de afgelopen 5 jaar.
(Boven)wettelijke vakantiedagen
Werknemers krijgen 4 keer het aantal uren dat de werknemer per week werkt aan wettelijke vakantiedagen per jaar. Als de werknemer bijvoorbeeld het hele jaar 25 uur per week werkt, heeft de werknemer recht op 100 vakantie-uren per jaar. Daarmee kan de werknemer in elk geval 4 weken vakantie per jaar opnemen. De werknemer kan de vakantiedagen ook in losse uren opnemen. Tijdens de vakantie betaalt de werkgever het loon door.
Als de werknemer meer vakantiedagen opbouwt dan het wettelijk aantal, is sprake van ‘bovenwettelijke’ vakantiedagen. In de cao of arbeidsovereenkomst kunnen afspraken staan over deze extra vakantie-uren.
De bovenwettelijke vakantiedagen vervallen in principe na vijf jaar. Maar ook voor de bovenwettelijke vakantiedagen geldt dus dat de werkgever de werknemer daadwerkelijk in staat heeft gesteld om het recht op vakantie uit te oefenen. De werkgever heeft hier eveneens een zorg- en informatieverplichting.

