De bestuurder van de stichting krijgt hiervoor 24 maanden gevangenisstraf. Dat oordeelt de rechtbank.
De verdachte is op 8 november 2018 als voorzitter toegetreden tot het bestuur van de stichting. Daarvoor werkte hij ongeveer tien jaar voor een zorgbureau: de eerste vier jaar als administratieve kracht en daarna als directeur. Begin 2019 is de stichting gestart met het aanbieden van thuiszorgactiviteiten. De verdachte deed naar eigen zeggen de administratie en het klopt dat hij ‘degene was die aan alle touwtjes trok’. De verdachte was de enige die toegang had tot de zakelijke bankrekening en had als enige een bankpas.
Op een zeker moment is de stichting failliet verklaard.
Grote geldbedragen voor privégebruik
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan vier strafbare feiten. Zo heeft hij vanaf het moment dat hij als bestuurder bij de stichting betrokken was € 452.523,70 voor privégebruik onttrokken aan die stichting. Toen de stichting failliet was verklaard waren schuldeisers, waaronder de Belastingdienst, daardoor fors in hun verhaalsmogelijkheden benadeeld. Voor dit gevolg zal de maatschappij uiteindelijk moeten opdraaien.
Valse facturen in administratie
Daarnaast waren – kennelijk om een deel van de privéuitgaven vanaf de zakelijke rekening van de stichting te maskeren – achttien valse facturen in de administratie opgenomen, die vervolgens aan de curator is verstrekt.
Administratie niet aan curator overgedragen
Ook heeft de verdachte na het faillissement niet direct alle administratie volledig aan de curator overgedragen.
De verdachte heeft laten weten dat hij alle administratie die hij van de stichting had, heeft ingeleverd bij de curator. De curator heeft verklaard dat hij geen loonstroken en correspondentie over de loonadministratie heeft ontvangen van de verdachte. Hij heeft daar wel om gevraagd.
Salarisadministratie wel beschikbaar
Naar aanleiding van een daartoe strekkend verzoek heeft een persoon, die de administratie heeft verzorgd voor de stichting, gegevens van de loonadministratie van 2019, 2020 en 2021 aan de FIOD verstrekt. De curator heeft verklaard dat de verdachte hem niet heeft meegedeeld dat deze salarisadministratie beschikbaar was.
Niet voldaan aan verplichting
De rechtbank acht dit feit wettig en overtuigend bewezen. De salarisadministratie die niet door de verdachte aan de curator is verstrekt, was wel beschikbaar. De verdachte had hiertoe toegang en na het verzoek van de curator daartoe had hij deze administratie moeten opvragen bij het administratiekantoor en vervolgens aan de curator te verstrekken. Daarmee heeft hij niet voldaan aan de verplichting die volgt uit artikel 105a, tweede lid, van de Faillissementswet om meteen alle administratie volledig aan de curator over te dragen.
Subsidiefraude
Tot slot heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan subsidiefraude. Hij heeft ontvangen gelden bestemd als blijk van waardering voor de inzet van zorgprofessionals in strijd tegen corona (de ‘zorgbonus’) en om het salaris van het personeel vanwege de impact van de coronamaatregelen te kunnen blijven betalen (de ‘NOW-regeling’) voor zichzelf gebruikt. Daarmee heeft de verdachte op grove wijze – en kennelijk schaamteloos – misbruik gemaakt van publieke middelen. Al vanwege de ernst van de feiten kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een forse onvoorwaardelijke gevangenisstraf.
De rechtbank veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden.
Uitspraak Rechtbank Overijssel, 25 augustus 2025, ECLI:NL:RBOVE:2025:5276

