Ongeacht de bedrijfseconomische situatie van de sector of de organisatie, legden de vakbonden in de eerste helft van 2025 een forse looneis op tafel. In 2024 nog leek, na onrustige jaren, de situatie aan de cao-tafel langzaam maar zeker richting normaal te bewegen. Maar nu, halverwege 2025, lijkt het er juist op dat de daling van de historisch hoge loonafspraken stagneert – en verloopt het overleg aan de cao-tafels ook weer stroef.
Economisch en politiek onzekere tijden
De (geo)politieke spanningen en de aanhoudend hoge inflatie in Nederland, maken dat we te maken hebben met economisch onzekere tijden. Deze ontwikkelingen hebben impact op diverse sectoren en bedrijven, waarbij de ene harder geraakt wordt dan de andere.
Toch worden ook in deze sectoren nog steeds hoge loonafspraken gemaakt, mede omdat vakbonden sterk inzetten op loon, ongeacht de bedrijfseconomische situatie. De inzet is teveel gericht op de korte termijn, aldus AWVN.
Maatwerkafspraken
Door loonsverhogingen te baseren op de financiële gezondheid en de vooruitzichten van de sector, blijft er ruimte over voor investeringen en arbeidsvoorwaarden die ertoe bijdragen dat werknemers wendbaar en duurzaam inzetbaar blijven en zo productief mogelijk hun werk kunnen doen. Daarom is het belangrijk om maatwerkafspraken te maken is het pleidooi van AWVN. Afspraken die passen bij de specifieke omstandigheden van sector of bedrijf.
Stijging wettelijk minimumloon
Ook werkt de sterke stijging van het wettelijk minimumloon (WML) van de afgelopen jaren door in het functiegebouw van werkgevers. Daarnaast zijn er forse verhogingen van het wettelijk minimumjeugdloon aangekondigd per 2027. Dit brengt, bovenop de cao-verhogingen, extra kosten met zich mee om de interne beloningsverhoudingen op peil te houden.
Met de val van het kabinet is het onduidelijk welke nieuwe maatregelen een toekomstig kabinet zal nemen met betrekking tot het WML – en tot andere dossiers die werkgevers raken.
Geen echte daling loonafspraken
Nieuwe loonafspraken blijven op maandbasis schommelen rond de 4%. Een echte daling van het cao-loon lijkt uit te blijven. Aan cao-tafels is echter te merken dat werkgevers vaker voet bij stuk houden. Dit komt ook doordat – na de hoge cao-loonstijgingen – er niet meer in zit in sommige sectoren of ondernemingen.
De krapte op de arbeidsmarkt speelt ook een rol bij de aanhoudend hoge loonafspraken. In diverse cao-akkoorden is expliciet opgenomen dat men zich, ondanks de onvoorspelbare economische en politieke omstandigheden, in wil blijven zetten op instroom en behoud van personeel.
Zorgwekkend
De aanhoudend hoge loonafspraken zijn volgens AWVN zorgwekkend. Hiermee ontstaat het risico dat de betaalbaarheid van lonen en de middelen om te kunnen blijven investeren in innovatie en ontwikkeling, flink onder druk komen te staan. Of dat de hogere kosten worden doorberekend in de prijzen van diensten en goederen – zeker in arbeidsintensieve sectoren zijn de marges zodanig dat er weinig ruimte is om verdere verhogingen op te vangen.
Te grote focus op loon versmalt cao-agenda
Dat de focus op loon de investeringsruimte in andere zaken onder druk kan zetten, is goed terug te zien in het aantal kwalitatieve afspraken in cao-akkoorden. Er lijkt weinig ruimte te zijn om te investeren in arbeidsvoorwaarden die (indirect) een bijdrage leveren aan het verhogen van de arbeidsproductiviteit.
Vooral op het gebied van een leven lang ontwikkelen en duurzame inzetbaarheid blijft het aantal cao-afspraken achter. Het benutten van technologische innovatie wordt slechts mondjesmaat opgenomen in cao-akkoorden. Wel zijn er relatief veel cao-akkoorden met een afspraak om de ervaren werkdruk te inventariseren en waar nodig te verlagen.
Stroeve onderhandelingen aan cao-tafels
Naast de geringe financiële ruimte, dragen de stroeve onderhandelingen niet bij aan verbreding van het cao-overleg. Maar liefst één op de drie cao-akkoorden is een geaccepteerd eindbod. Dit laat zien dat cao-partijen ver uit elkaar liggen qua inzet. Ondanks de stroeve onderhandelingen en de actiedreiging, is het aantal stakingen nog relatief beperkt.
Ruimte voor constructief overleg
AWVN pleit voor als het over loonontwikkeling gaat, de sector- en bedrijfseconomische situatie als uitgangspunt te nemen. Tijd voor maatwerk dus. Dan ontstaat er ook meer ruimte voor constructief overleg aan de cao-tafel, denkt de werkgeversorganisatie.

