Bpf Schoonmaak en cao Schoonmaak van toepassing. Vrijwillige deelname aan Bpf Schoonmaak doet geen automatisch recht ontstaan op de cao-faciliteiten die de Stichting Raad voor Arbeidsverhoudingen Schoonmaak- en Glazenwassersbranche (RAS) biedt aan gebonden werkgevers van de cao Schoonmaak, maar de stelling van RAS dat vrijwillig aangesloten werkgevers wel premie zouden moeten betalen maar geen cao-rechten hebben is te kort door de bocht.
Gerechtvaardigd vertrouwen
Het beroep van werkgever op gerechtvaardigd vertrouwen is gegrond, want:
- Werkgever is sinds jaar en dag aangesloten bij Bpf Schoonmaak, voorheen op basis van een verplichte aansluiting, waarbij wel een automatisch recht op cao-uitkeringen bestaat, en later op basis van een vrijwillige aansluiting, waarbij geen automatisch recht op cao-uitkering bestaat, maar waarbij
- RAS al die jaren zonder onderbreking premies in rekening heeft gebracht en heeft geïncasseerd voor cao-regelingen, zonder aan werkgever mee te delen dat er geen cao-aanspraken meer waren, nu sprake was van een vrijwillige aansluiting, en
- RAS de werknemers van werkgever (tot twee keer toe) zelf actief heeft benaderd met de uitnodiging om deel te nemen aan de Generatiepactregeling.
Schijn gewekt
Hiermee heeft RAS de schijn gewekt dat de werkgever en de werknemers aanspraak hadden op- en gebruik mochten maken van alle faciliteiten als uitgevoerd door RAS, meer in het bijzonder deelname aan de Generatiepactregeling, omdat werkgever hier jarenlang zonder onderbreking premie voor heeft betaald en nog steeds betaalt.
Cherry-picking
Het verweer van RAS dat de werkgever aan cherry-picking doet, omdat hij “jarenlang de vruchten heeft geplukt van een cao-loze periode, maar zich nu wel – wanneer er iets te vorderen valt – direct bij RAS meldt” kan de kantonrechter dan ook niet plaatsen.
Misverstand
Hetzelfde geldt voor de stelling van RAS dat het misschien als onzorgvuldig kan worden bestempeld dat zij vanwege een door het Bpf Schoonmaak aangeleverd mail-bestand, werknemers van de vrijwillig aangesloten ondernemingen heeft meegenomen in de correspondentie voor bedrijven die verplicht aangesloten zijn, waardoor ook zij een oproep hebben gekregen, maar dat er hierdoor “nog steeds geen misverstand over kon bestaan wanneer de Generatiepactregeling van toepassing was en wanneer niet”. Dat hierover wel degelijk een misverstand kan ontstaan, blijkt immers uit dit geschil.
Deelname aan Generatiepactregeling
Daarnaast heeft RAS, nadat de eerste aanvraag van de werknemers van de werkgever in december 2022 door RAS was afgewezen, hen in het voorjaar van 2023 opnieuw benaderd voor deelname. Hiermee heeft RAS wel degelijk de schijn gewekt dat de werkgever en werknemers mochten deelnemen aan de Generatiepactregeling.
De werkgever en werknemers mochten er gerechtvaardigd op vertrouwen dat zij aanspraak hadden op en gebruik mochten maken van alle faciliteiten als uitgevoerd door RAS en waar de werkgever premie voor heeft betaald en nog steeds betaalt, meer in het bijzonder deelname aan de Generatiepactregeling. De vordering is daarom toewijsbaar.
Beslissing
De werkgever en werknemers hebben aanspraak op en mogen gebruik maken van alle faciliteiten die RAS uitvoert en waar de werkgever premie voor heeft betaald en nog steeds betaalt, met name deelname aan de Generatiepactregeling.
Uitspraak Rechtbank Oost-Brabant, 28 mei 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:3497

