‘Ontziemaatregelen’, zoals extra verlofdagen, generatiepactregelingen en roosteraanpassingen zijn bedoeld als mogelijkheid voor oudere medewerkers die het werk niet volhouden. Maar omdat de regelingen breder worden ingezet en alternatieve maatregelen niet voldoende van de grond komen, dreigt het beroep op deze maatregelen overmatig te worden. Dat is duur en niet in lijn met de grote behoefte aan personeel, vindt werkgeversvereniging AWVN op basis van een onderzoek onder de eigen leden.
Werkgevers geven aan dat een veroudering van het werknemersbestand de voornaamste reden is voor meer gebruik van generieke ‘ontziemaatregelen’. De stijgende personeelskosten die hiervan het gevolg zijn, komen bovenop de loonkostenstijging die bedrijven de afgelopen jaren doormaakten.
Ontziemaatregelen bijna overal toegepast
Uit het onderzoek van AWVN blijkt dat de ‘ontziemaatregelen’ vrijwel overal op de werkvloer worden toegepast. Bijna 90 procent van de ondervraagde werkgevers past generieke ontziemaatregelen toe voor oudere werknemers. 60 procent van de werkgevers biedt de 80/90/100-regeling aan, 55 procent extra verlof en 45 procent een RVU-regeling.
Extra verlof is onder werknemers vooral een populaire ontziemaatregel: 84 procent van de doelgroep die extra verlof krijgt aangeboden, maakt er gebruik van. Van de 80/90/100-maatregel maakt 33 procent gebruik en van een RVU-regeling 24 procent.
Effecten ontziemaatregelen
Over de effectiviteit van de ontziemaatregelen zijn werkgevers positief. De maatregelen dragen eraan bij dat oudere medewerkers die het reguliere werk niet volhouden, niet voortijdig uitvallen. Vooral over het aanpassen van roosters (70 procent) en de 80/90/100-regeling (66 procent) zijn de werkgevers in dat verband positief.
Minder lang (door)werken
Een probleem is echter ook een aantal zeer negatieve effecten van de grote schaal waarop generieke ontziemaatregelen worden toegepast. De maatregelen leiden er vooral toe bij dat oudere werknemers minder werken en eerder uittreden. Dat wringt met de maatschappelijke wens om in een blijvend krappe arbeidsmarkt langer doorwerken te stimuleren.
Verder is een belangrijk effect dat ‘ontziemaatregelen’ gepaard gaan met een groter beroep op de overige werknemers. Die moeten bijvoorbeeld extra nachtdiensten draaien omdat ouderen dat juist niet hoeven.
Individuele situatie werknemer
Op grond van deze negatieve effecten en twijfels over financiële houdbaarheid in de nabije toekomst stelt AWVN dat toepassing van ouderenbeleid veel meer gericht moet worden op de individuele situatie van een werknemer.
Duurzame inzetbaarheid
Volgens de werkgeversvereniging moet vooral maximaal worden ingezet op duurzame inzetbaarheid: werknemers moeten gedurende hun loopbaan door scholing en ontwikkeling worden voorbereid op een gezonde oudere dag als werkende.
Aan het AWVN-ledenonderzoek over de RVU en ontziemaatregelen namen 148 werkgevers deel.

