Na een inkomensschok kunnen zeven op de tien ondernemers hun vaste en noodzakelijke kosten twee jaar lang blijven betalen. Werknemers lukt dat beter, onder meer door de verplichte loondoorbetaling bij ziekte en het recht op een WW-uitkering. Dit blijkt uit een stresstest van het Centraal Planbureau (CPB).
Het CPB heeft onderzocht in hoeverre Nederlandse huishoudens financieel een mogelijke inkomensdaling door baanverlies of arbeidsongeschiktheid van de hoofdkostwinner kunnen volhouden. Hierbij is rekening gehouden met bestaande financiële buffers van zelfstandigen en werknemers, het huidige socialezekerheidsstelsel en een mogelijke publieke arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen.
Twee jaar of langer blijven betalen
93% van alle huishoudens heeft zonder inkomensschok voldoende middelen om hun vaste en noodzakelijke uitgaven twee jaar of langer te blijven betalen. Veel huishoudens kunnen een inkomensschok langere tijd opvangen. Voor werknemers geldt dit bij verlies van werk voor 82% en bij arbeidsongeschiktheid voor 91%.
(Geen) arbeidsongeschiktheidsverzekering
Het CPB heeft voor zelfstandigen twee varianten bekeken.
- Zonder verzekering kan 70% van de zelfstandigen de vaste en noodzakelijke kosten na een inkomensschok door arbeidsongeschiktheid minimaal.
- Bij een publieke arbeidsongeschiktheidsverzekering met een wachttijd van een jaar stijgt dit toe naar 75% van de zelfstandigen.
Maar zo’n 15,4% van de Nederlandse ondernemers kan de vaste en noodzakelijke uitgaven slechts een paar maanden betalen na een inkomensschok.
Ook jongeren, huurders en alleenverdieners zijn kwetsbare groepen naast zelfstandigen. Zij hebben lagere inkomens, kleinere buffers en besteden een relatief groot deel van hun inkomen aan vaste en noodzakelijke uitgaven. Hun financiële reserves raken daardoor sneller uitgeput na een schok. Ook hebben jongeren vaak minder WW- en WIA-rechten en vermogens opgebouwd.
Stresstest baanverlies en arbeidsongeschiktheid van werknemers en zelfstandigen

