Nu de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd al is afgelopen, is wedertewerkstelling niet meer aan de orde.
Arbeidsovereenkomst
De werknemer verzoekt vernietiging van dit ontslag, omdat de dringende reden ontbreekt.
De kantonrechter oordeelt dat het verweer van de werkgever met betrekking tot het niet bestaan van de arbeidsovereenkomst geen stand houdt. Er bestaat geen schriftelijkheidsvereiste voor een arbeidsovereenkomst. De werknemer heeft sinds 1 juli 2024 doorlopend bij de werkgever gewerkt en daarvoor salaris ontvangen. Daarom is juridisch sprake van een arbeidsovereenkomst.
Ontslag op staande voet
Het gaat in deze zaak om de vraag of het ontslag op staande voet van 28 augustus 2025 moet worden vernietigd en of de werkgever moet worden veroordeeld tot (na)betaling van loon.
De kantonrechter oordeelt dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is.
Wanneer weer terug van vakantie?
Tussen partijen is onduidelijkheid geweest over het moment dat de werknemer weer moest werken na terugkomst van haar zomervakantie. De werknemer was in de veronderstelling dat zij op zondag 31 augustus 2025 weer moest komen werken.
De werkgever dacht dat de werknemer had aangegeven dat zij vanaf vrijdag 29 augustus 2025 weer beschikbaar was. Op 28 augustus 2025 heeft de werknemer via Whatsapp deze onduidelijkheid aangekaart en aangegeven niet beschikbaar te zijn op vrijdag 29 augustus 2025.
De werkgever wist daarom een dag van tevoren dat de werknemer niet kwam werken op 29 augustus 2025. Dat de werknemer vervolgens niet is gekomen, rechtvaardigt volgens de kantonrechter geen ontslag op staande voet. De lat voor een rechtsgeldig ontslag op staande voet ligt vele malen hoger.
Niet eerder gewaarschuwd
Het lag op de weg van de werkgever – als goed werkgever – om hierover het gesprek aan te gaan en eventueel een schriftelijke, officiële waarschuwing te geven.
Ook het verweer van de werkgever dat sprake was van de laatste druppel gaat niet op. Niet is gebleken dat de werkgever de werknemer eerder concrete waarschuwingen heeft gegeven, laat staan dat haar een laatste waarschuwing is gegeven.
Geen onverwijlde mededeling
Daarnaast is ook geen sprake geweest van een onverwijlde mededeling. De werkgever heeft via Whatsapp op 28 augustus 2025 alleen de volgende woorden gestuurd die zouden moeten duiden op het ontslag op staande voet: ‘Maar ik ga geen discussie meer aan voor mij is het goed zo. Je kan zaterdag je sleutels langs brengen.’ Dit is niet te kwalificeren als een deugdelijke mededeling.
Het verzoek van de werknemer tot vernietiging van het ontslag wijst de kantonrechter toe.
Recht op loon
De werknemer heeft recht op loon, omdat het ontslag op staande voet wordt vernietigd en de arbeidsovereenkomst dus heeft voortgeduurd vanaf 28 augustus 2025. De vordering van de werknemer tot loonbetaling is ook toewijsbaar. De gevorderde wettelijke rente wordt ook toegewezen, omdat de werkgever te laat heeft betaald.
Nu het standpunt van de werknemer – dat de gemiddelde arbeidsduur van haar de afgelopen twaalf maanden 32 uur per week was – niet is weersproken en uit de door de werknemer overgelegde stukken niet anders blijkt, gaat de kantonrechter gelet op het bepaalde in artikel 7:610b BW van dat gemiddelde uit.
Tussen partijen is niet in geschil dat de arbeidsovereenkomst per 31 december 2025 definitief is geëindigd. De kantonrechter wijst de loonvordering daarom toe tot en met 31 december 2025.
Uitspraak Rechtbank Noord-Holland, 5 januari 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:3

