De Raad van State concludeert dat het wetsvoorstel basisverzekering arbeidsongeschiktheid zelfstandigen vrijwel niet uitvoerbaar is, zeker zolang de problemen in de uitvoering van de WIA niet zijn opgelost.
Inhoud wetsvoorstel
Het wetsvoorstel basisverzekering arbeidsongeschiktheid zelfstandigen introduceert een basisverzekering tegen arbeidsongeschiktheid voor zelfstandigen. Het gaat om een eigen verzekeringsstelsel voor zelfstandigen, dat los staat van het bestaande stelsel voor werknemers (de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen, de ‘WIA’).
Zelfstandigen zijn verzekerd voor de publieke basisverzekering. Zij kunnen echter ook kiezen voor een private verzekering, de zogeheten opt-out. De vormgeving van de basisverzekering is vooral gebaseerd op een advies van de sociale partners.
Belang van bescherming en gelijker speelveld
De Raad van State stemt in met de doelen van dit wetsvoorstel. Het is belangrijk en noodzakelijk om zelfstandigen te beschermen tegen het risico op inkomensverlies bij arbeidsongeschiktheid. Ook het het creëren van een gelijker speelveld tussen werknemers en zelfstandigen is van belang. Hiermee kan onwenselijke concurrentie tussen verschillende groepen werkenden op het niveau van arbeidsvoorwaarden worden beperkt.
Toenemende complexiteit
Volgens de Raad van State maakt de voorgestelde basisverzekering het stelsel van de sociale zekerheid ingewikkelder. Dit komt onder meer doordat de verzekering een apart stelsel naast de WIA is en zelfstandigen van een opt-out gebruik kunnen maken. Het is juist wenselijk dat dit stelsel wordt vereenvoudigd.
Uitvoeringsproblemen
Wet- en regelgeving die steeds complexer wordt, zorgt voor steeds grotere problemen bij burgers en bij uitvoeringsinstanties. Dit geldt met name voor UWV en de Belastingdienst, die de basisverzekering moeten gaan uitvoeren. Beide uitvoeringsorganisaties hebben nu al grote uitvoeringsproblemen.
Het wetsvoorstel is voor de Belastingdienst onder voorwaarden pas uitvoerbaar vanaf 2030, terwijl andere wijzigingen in de inkomstenbelasting hierdoor lange tijd niet mogelijk zullen zijn.
UWV kan het voorstel alleen uitvoeren als voldoende capaciteit beschikbaar is voor de benodigde sociaal-medische beoordelingen. Op dit moment zijn er in het kader van de WIA grote achterstanden in deze beoordelingen en die nemen naar verwachting zelfs nog verder toe.
Dit zet de uitvoerbaarheid van de WIA door het UWV verder onder druk. Hiermee raakt de uitvoerbaarheid van de voorgestelde basisverzekering verder uit beeld.
Doelen slechts deels bereikt
De gemaakte keuzes bij de vormgeving van de basisverzekering zorgen er daarnaast voor dat de doelen van inkomenszekerheid en een gelijker speelveld voor werkenden slechts deels worden bereikt.
Door de combinatie van een relatief lage uitkering en een wachttijd van twee jaar leidt de basisverzekering maar in beperkte mate tot een adequate inkomensvoorziening voor zelfstandigen.
Ook blijven tussen werkenden de verschillen groot in hun bescherming tegen het risico op arbeidsongeschiktheid.
Aanpassing WIA
De Raad van State concludeert dat het wetsvoorstel niet of nauwelijks uitvoerbaar is, zeker zolang de problemen in de uitvoering van de WIA niet zijn opgelost. Daarom is het advies aan de regering om eerst op korte termijn deze problematiek aan te pakken door de WIA sterk te vereenvoudigen.
Vanwege het belang van een begrijpelijke en uitvoerbare verzekering die voor zelfstandigen voldoende meerwaarde heeft, adviseert de Raad van State verder om het voorstel opnieuw te bekijken. Dit kan in samenhang met of volgend op de noodzakelijke herziening van de WIA. Een integrale benadering van aanpassingen aan de WIA en dit wetsvoorstel lijkt logisch.
Dien wetsvoorstel niet in
De Raad van State adviseert de regering het wetsvoorstel niet bij de Tweede Kamer in te dienen, tenzij het voorstel is aangepast.
Lees advies Wet basisverzekering arbeidsongeschiktheid zelfstandigen

