Werknemers ontvangen in 2026 bij een gelijkblijvend loon meer geld op hun rekening dan in 2025. Dit is het gevolg van belastingmaatregelen voor 2026. Dat blijkt uit berekeningen van HR- en salarisdienstverlener ADP.
Een werknemer met een modaal brutoloon van € 3.704 per maand ontvangt in januari netto € 26 meer. Werknemers met een minimumloon gaan er het meest op vooruit. Dit komt doordat in de berekeningen ook de indexatie (de stijging van het minimumuurloon) per 1 januari 2026, is meegenomen.
Het nieuwe wettelijk minimumuurloon voor 2026 wordt € 14,71 bruto. Als een werknemer 36 uur per week werkt, bedraagt het voordeel € 46 per maand. Bij 40 uur is dat € 51 per maand.
Meer dan modaal
Werknemers die twee keer bruto modaal (€ 7.407) verdienen, ontvangen € 37 euro per maand meer dan in 2025. Bij een bruto-inkomen van drie keer modaal (€11.111) is dat netto € 16 meer.
Correctie Belastingplan 2026 na Prinsjesdag
Werknemers met een bruto maandinkomen tussen de € 1.000 en € 2.000 gingen er in 2025 op achteruit. Dit betreft onder meer mensen die in deeltijd werken en jongeren die het minimumjeugdloon verdienen. Op basis van de plannen op Prinsjesdag zou deze achteruitgang in 2026 verder doorzetten. Door een correctie op het Belastingplan 2026 gaan deze mensen er in het nieuwe jaar toch op vooruit ten opzichte van 2025, maar zij houden in 2026 nog steeds netto minder over dan in 2024.
Veel werknemers die vallen onder cao Aan de slag en cao Sociale Werkvoorziening zijn er in 2025 ook op achteruit gegaan ten opzichte van 2024. Eind dit jaar ontvangen deze werknemers via de werkgever een tegemoetkoming ter compensatie van de achteruitgang in 2025.
Tarieven en heffingskortingen 2026
In de eerste belastingschijf daalt het tarief met 0,07%-punt naar 35,75% en wordt de schijfgrens met € 442 verhoogd naar € 38.883.
In de tweede schijf stijgt het tarief van 37,48% naar 37,56% en wordt de schijfgrens verhoogd met € 1.609. Deze gaat naar € 78.426.
“Hierdoor betaal je in 2026 wel iets meer belasting over een inkomen vanaf € 38.883 maar duurt het langer voordat je in de derde schijf met het toptarief van 49,50% valt”, zegt Karin Stam, expert wet- en regelgeving bij ADP.

Heffingskorting en arbeidskorting omhoog
Daarnaast gaan zowel de algemene heffingskorting als de arbeidskorting omhoog. De algemene heffingskorting stijgt op jaarbasis met € 47 en wordt maximaal € 3.115. De maximale arbeidskorting gaat van € 5.599 dit jaar naar € 5.685 in 2026. De heffingskortingen zijn inkomensafhankelijk.

Iets meer netto pensioen
Gepensioneerden ontvangen in 2026 iets meer netto pensioen. Mensen met een aanvullend bruto pensioen van € 1.000 per maand krijgen € 5 meer. Bij een aanvullend pensioen van € 1.500 is de netto vooruitgang € 7, bij 2.500 bedraagt de stijging € 12.
Deze nettostijging komt vooral door een daling van de premie voor de bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw). Die gaat van 5,26% naar 4,85% in 2026. Daarnaast speelt ook de lichte daling van het tarief naar 35,75% in de eerste belastingschijf een positieve rol waardoor het netto pensioen stijgt.



