De motie gaat over een evaluatie naar de doelstellingen, de huidige wet- en regelgeving en de handhavings- en uitvoeringspraktijk rondom de vaststelling van de fiscale woonplaats, en waar nodig eventuele verbetervoorstellen te doen.
Ruimte voor maatwerk
De evaluatie betreft onderzoeken naar de fiscale woonplaats van natuurlijke personen voor zover dit relevant is voor de belastingheffing.
Het belangrijkste dat uit deze evaluatie is voortgekomen is dat de wet- en regelgeving en doelstelling ten aanzien van de vaststelling van de fiscale woonplaats de inspecteur voldoende ruimte biedt voor maatwerk.
In de evaluatie komt naar voren dat de open wettelijke norm van artikel 4 AWR (“Waar iemand woont en waar een lichaam gevestigd is, wordt naar de omstandigheden beoordeeld”) de brede wettelijke informatiebevoegdheden en de toenemende internationale regelgeving over gegevensuitwisseling de Belastingdienst voldoende ruimte geeft om alle feiten en in aanmerking komende omstandigheden mee te wegen voor maatwerk.
Geen aanleiding voor aanpassingen
De evaluatie geeft daarom op dit moment geen directe aanleiding om aanpassingen te doen in voornoemde wet- en regelgeving. Wel worden in de uitvoerings- en handhavingspraktijk verschillende aandachtspunten gesignaleerd.
Aandachtspunten
De twee aandachtspunten gaan over:
- het soms niet of zeer beperkt meewerken van belanghebbenden aan een informatieverzoek van de inspecteur; en
- de uniforme werkwijze bij het uitvoeren van woonplaatsonderzoeken.
Wat betreft het aandachtspunt inzake uniforme werkwijze; deze is al ondervangen door de ingevoerde Instructie Woonplaatsonderzoeken. Hiermee is een uniform waarborgenkader ingeregeld voor de uitvoering van woonplaatsonderzoeken.
Informatiepositie inspecteur
Uit de evaluatie komt naar voren dat behoefte bestaat om te bezien of de informatiepositie van de inspecteur aanvullend verbeterd kan worden als het gaat om woonplaatsonderzoeken waarbij een belanghebbende niet of zeer beperkt meewerkt aan een informatieverzoek.
Informatiebeschikking
In de evaluatie wordt in dat kader verwezen naar een onderzoek naar de werking van de informatiebeschikking waar de Tweede Kamer begin 2024 over is geïnformeerd. Bij dat onderzoek wordt gekeken naar mogelijke oplossingsrichtingen voor de eerder vastgestelde knelpunten bij de informatiebeschikking, zoals de lange doorlooptijd van de informatiebeschikkingsprocedure.
In het voorjaar van 2025 wordt een beleidsdocument in (pre)consultatie gebracht waarin de oplossingsrichtingen worden geconsulteerd, en wordt gekeken naar de wijze waarop de stakeholders tegen de oplossingsrichtingen aankijken.
Kamerbrief met reactie op motie Idsinga/van Eijk over evaluatie woonplaatsonderzoek

