Staatssecretaris Eerenberg van Financiën kiest voor het versterken van zelfbouw en eigen IT-beheer, het investeren in de uitbreiding van de eigen datacentercapaciteit, het verder inzetten op open source en door bij te sturen op lopende IT-projecten.
De Belastingdienst heeft een goede uitgangspositie om koploper te worden: met een eigen datacentrum, veel zelfgebouwde systemen en een grote professionele IT-organisatie. Dit staat in een brief aan de Tweede Kamer die aan de Tweede Kamer is verstuurd.
Autonome strategie
De aanpak voor de Belastingdienst bestaat uit vier thema’s om nog autonomer voorop te kunnen lopen. De centrale lijn daarbij is dat de Belastingdienst nog meer zelf wil ontwikkelen, bouwen en beheren – en hierbij zoveel mogelijk gebruik wil maken van digitaal autonome leveranciers.
Om dit op een goede manier te kunnen doen zijn randvoorwaarden nodig waar op wordt ingezet. Zo vraagt het uitbreiden van systemen en applicaties in eigen beheer om meer datacentercapaciteit en het kiezen voor digitaal autonome partijen om het herzien van inkoopbeleid en aanbestedingsregels.
De Belastingdienst zet ook verder in op open source. Daarmee wordt de afhankelijkheid van leveranciers gereduceerd. De Belastingdienst trekt hierbij samen op met andere ministeries en uitvoerders.
Het streven naar meer digitale autonomie mag niet ten koste gaan van informatiebeveiliging of de betrouwbaarheid en continuïteit van de dienstverlening voor burgers en ondernemers.
Bijsturen waar dat moet
In de praktijk zet de Belastingdienst nu al concrete stappen om digitaal autonomer te worden. De Belastingdienst voert standaard in lopende trajecten risicoanalyses uit en brengt hiermee risico’s zorgvuldig in kaart. Als ingrijpen nodig is wordt dit gedaan, waaronder bij:
Nieuw systeem omzetbelasting
Bij de modernisering van de omzetbelasting neemt de Belastingdienst het beheer en onderhoud van de infrastructuur over van de leverancier (hosting). De servers staan daarmee in eigen datacenters en zullen worden beheerd door medewerkers van de Belastingdienst zelf, niet door de leverancier.
Ook het kanaal waarlangs de leverancier software-updates doorvoert komt onder controle van de Belastingdienst. Hierdoor heeft de Belastingdienst controle over de toegang tot de software, productiegegevens en de bijbehorende data. Daarnaast zijn juridische maatregelen genomen om toegang tot de broncode te krijgen.
Deze koerswijziging betekent dat de start van de uitrol van het nieuwe systeem voor de VAT-refund wordt uitgesteld en niet langer op 1 juli 2026 plaatsvindt. Voor ondernemers leidt de vertraging niet tot problemen of extra kosten. Vooralsnog zijn er geen gevolgen voor de implementatie van de binnenlandse omzetbelasting per juli 2027.
Klantcontactcentrum
Burgers, bedrijven en intermediairs hebben op verschillende manieren zoals telefonie en baliebezoek contact met de Belastingdienst, Toeslagen en Douane. Dit contact wordt afgehandeld en beheerd via de contactcentervoorziening. Deze voorziening is technisch en functioneel verouderd en moet daarom worden vervangen en gemoderniseerd.
Het contract met de leverancier loopt in 2028 af, vanaf dan wordt er geen ondersteuning meer geleverd. Daarom is de Europese aanbesteding voor een nieuwe voorziening in 2024 gestart. Digitale autonomie is een van de relevante onderwerpen in het traject.

