Het besluit van 12 februari 2026, nr. 2026-2493 bevat een goedkeuring waarmee vooruitlopend op wetgeving voor een bepaalde groep belastingplichtigen die gebruikmaken van de youngtimerregeling, de verhoging van de grens naar 16 jaar tijdelijk niet geldt.
Jaargrens verschoven naar 16 jaar
Via een amendement op het wetsvoorstel Belastingplan 2026 is per 1 januari 2026 de jaargrens van de youngtimerregeling verschoven van 15 naar 16 jaar. Als gevolg hiervan is sinds 1 januari 2026 de belastingheffing gewijzigd van mede voor privédoeleinden ter beschikking gestelde, dan wel ter beschikking staande auto’s die vanaf een bepaald moment in de loop van het kalenderjaar 2025 meer dan 15 jaar maar niet meer dan 16 jaar geleden voor het eerst in gebruik zijn genomen.
Forfaitair gewaardeerd op 22% (of 25%)
Voor deze categorie auto’s gold tot en met 31 december 2025 dat het privévoordeel vanaf het moment dat de jaargrens van 15 jaar is bereikt forfaitair werd gewaardeerd op 35% van de waarde in het economische verkeer van de auto. Vanaf 1 januari 2026 wordt het privévoordeel forfaitair gewaardeerd op 22% (bij onder het overgangsrecht uit 2017 vallende auto’s: 25%) van de catalogusprijs van de auto tot in 2026 de jaargrens van 16 jaar is bereikt.
Niet meer van toepassing
De wijziging per 1 januari 2026 heeft als gevolg dat een bepaalde groep autogebruikers die de youngtimerregeling in 2025 konden toepassen, tot een bepaald moment in 2026 de youngtimerregeling niet meer kunnen toepassen. Dit betreft de groep die in het kalenderjaar 2025 voor het eerst gebruik kon maken van de youngtimerregeling, omdat de betreffende auto’s in het kalenderjaar 2025 meer dan 15 jaar maar niet meer dan 16 jaar geleden voor het eerst in gebruik zijn genomen.
Voor deze groep is de youngtimerregeling per 1 januari 2026 niet meer van toepassing totdat de auto in de loop van het jaar 2026 meer dan 16 jaar geleden in gebruik is genomen.
Overgangsregeling wenselijk
Tijdens de behandeling van het wetsvoorstel Belastingplan 2026 gaven meerdere fracties uit de Eerste Kamer aan dat zij een overgangsregeling wenselijk vinden. Daarnaast blijkt ook uit de toelichting van het amendement dat bedoeld was om de gebruikers van youngtimers een jaar de ruimte te geven om hierop desgewenst te anticiperen.
Goedkeuring
Door middel van dit beleidsbesluit geeft de staatssecretaris van Financiën een goedkeuring vooruitlopend op wetgeving waarmee voor voorgenoemde situatie wordt geregeld dat voor het kalenderjaar 2026 de verhoging van de jaargrens niet van toepassing is. Per 1 januari 2027 wordt de jaargrens verhoogd naar 25 jaar en vervalt deze overgangsregeling. Het streven is om uiterlijk op 1 januari 2027 de in dit besluit opgenomen goedkeuring om te zetten in wetgeving, waarna dit besluit komt te vervallen.
Overgangstermijn voor auto’s die in het kalenderjaar 2026 meer dan 15 jaar maar niet meer dan 16 jaar geleden voor het eerst in gebruik zijn genomen
Vooruitlopend op wetgeving keurt de staatssecretaris goed dat als een auto in 2025 ter beschikking is gesteld aan een werknemer, dan wel ter beschikking stond aan een ondernemer en deze auto in het kalenderjaar van 2025 de jaargrens van 15 jaar heeft bereikt, de youngtimerregeling van toepassing mag blijven tot 1 januari 2027.
Vanaf 1 januari 2027 wordt de jaargrens verhoogd naar 25 jaar en vervalt deze goedkeuring. Dat heeft als gevolg dat voor auto’s die minder dan 25 jaar geleden voor het eerst in gebruik zijn genomen de youngtimerregeling per 1 januari 2027 niet (meer) van toepassing is.
Let op: voor auto’s die in 2026 de jaargrens van 15 jaar bereiken geldt dat de youngtimerregeling nog niet van toepassing is geweest. Voor deze groep verandert er per 1 januari 2026 niets: de bijtelling werd en wordt berekend op grond van de catalogusprijs.
Dit beleidsbesluit is in werking getreden met ingang van de dag na publicatie in de Staatscourant en werkt terug tot en met 1 januari 2026.

