De werkgever stelt dat de werknemer dat de werknemer op grond van de arbeidsovereenkomst een boete van € 4.900,50 is verschuldigd vanwege 81 keer met de bedrijfsbus gemaakte privéritten.
De werknemer is het niet eens met de eis. Hij voert aan dat hij slechts 15 privéritten met de bedrijfsbus heeft gemaakt.
De kantonrechter wijst een bedrag van € 750 aan boetes toe met betrekking tot de 15 privéritten met de bedrijfsbus.
Alleen voor zakelijk verkeer
De werkgever heeft tijdens de arbeidsovereenkomst een bedrijfsbus aan de werknemer ter beschikking gesteld. In de door beide partijen ondertekende arbeidsovereenkomst is bepaald dat deze bus alleen voor zakelijk verkeer mag worden gebruikt en dat de werknemer een boete van € 50 per keer is verschuldigd als hij de bus privé gebruikt.
Boetes verschuldigd bij privégebruik
De werkgever heeft gesteld dat de werknemer de bus in totaal 81 keer voor privédoeleinden heeft gebruikt. de werknemer heeft erkend dat hij de bus 15 keer privé heeft gebruikt en dat hij hiervoor boetes is verschuldigd.
Voor wat betreft de overige ritten heeft de werknemer aangevoerd dat hij mondeling had afgesproken dat hij de bus ook mocht gebruiken om drie keer per week bij zijn ouders te eten, omdat dit adres op de route ligt van het vestigingsadres van de werkgever in Zevenbergen en de woning van de werknemer in Rotterdam en daarom een tussenstop was.
Weinig extra kilometers
Deze afspraak is weliswaar betwist, maar de werknemer heeft tijdens de zitting onweersproken aangevoerd dat de afstand tussen het vestigingsadres van de werkgever en zijn woning 30 tot 35 kilometer bedraagt en dat de tussenstop bij zijn ouders slechts 4 tot 5 kilometer extra was. Gelet op dit zeer geringe aantal extra kilometers is de kantonrechter van oordeel dat dit in redelijkheid als woon-werkverkeer moet worden aangemerkt en dat de werknemer hiervoor dus geen boete is verschuldigd.
Boete voor 15 privéritten
Het voorgaande leidt ertoe dat de werknemer een boete van in totaal € 750 (15 privéritten x € 50) moet betalen. De gevorderde btw is niet toewijsbaar, omdat de werkgever over deze boete geen btw aan de Belastingdienst hoeft af te dragen.
Uitspraak Rechtbank Rotterdam, 29 augustus 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:10861

