Het wetsvoorstel herziening bedrag ineens heeft tot doel mensen meer keuzevrijheid te geven bij het benutten van hun pensioen, door het mogelijk te maken dat mensen bij pensionering maximaal 10% van hun pensioen in één keer kunnen opnemen als bedrag ineens. Hierbij is een beter uitvoerbaar en communiceerbaar alternatief voorgesteld voor de mogelijkheid van uitgestelde uitbetaling.
Minister Paul van SZW stuurt de Eerste Kamer de nota naar aanleiding van de nadere vragen over Uitstel van de inwerkingtreding van het bedrag ineens.
In antwoord op vragen geeft de minister aan dat het niet langer haalbaar is om het keuzerecht bedrag ineens per 1 juli 2026 in werking te laten treden, gezien het feit dat de sector een voorbereidingstijd van zes tot negen maanden nodig heeft.
Op dit moment is nog niet besloten wat de nieuwe beoogde inwerkingtredingsdatum is. Het is aan een nieuw kabinet om te besluiten over een nieuwe inwerkingtredingsdatum.
Wet herziening bedrag ineens

