Vakbond CNV reageert op nieuwe cijfers naar aanleiding van een onderzoek naar arme werkenden door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
Er waren in 2024 175.000 werkenden die in hun huishouden te weinig geld hadden. In 2024 waren 26.000 meer werkenden arm dan in 2023. Het aantal arme werkenden steeg zowel bij werknemers als bij zelfstandigen. Na de vaste lasten blijft er niet genoeg over voor basisbehoeften als eten, kleren en sociale activiteiten. Van deze arme werkenden werkte 44 procent maar een deel van het jaar. Zij begonnen met werken of stopten juist, of hadden meerdere kortere banen afgewisseld met perioden zonder werk. Bij alle werkenden werkte 10 procent niet het hele jaar.
Van de 8,5 miljoen werkenden in 2024 was 2 procent arm.
Minder werkervaring
Arme werkenden hebben minder werkervaring dan alle werkenden. In 2024 heeft 63 procent minder dan vier jaar betaald werk als belangrijkste inkomensbron gehad. Bij alle werkenden is dat 18 procent. Van de arme werknemers die in 2024 wel werkten maar daarvoor niet, had 95 procent een flexibel contract of werkte in deeltijd. Een kwart van de arme werkenden zou graag meer uren willen werken. Bij alle werkenden is dat 7 procent.
Jonger dan 25 jaar
Bijna een kwart van de arme werkenden was in 2024 jonger dan 25 jaar, bij alle werkenden was dat 9 procent. Ook woonden arme werkenden vaker alleen of in een eenouderhuishouden (67 procent) dan de hele groep (25 procent).
Vast contract
CNV pleit ervoor dat de politiek doorzet in de uitvoering van het SER MLT-advies. Uitgangspunt van dit advies is dat het vaste contract weer de norm wordt, na jaren van flexibilisering en onzekerheid van miljoenen werkenden.

